Het is gerechtvaardigd een billijke financiële tussenkomst te vragen van de belanghebbenden op het grondgebied van de gemeente Pajottegem, gelet op de financiële toestand van de gemeente en de wettelijke verplichting om een financieel evenwicht te handhaven. Deze belasting is voorzien in het meerjarenplan en is noodzakelijk voor het behoud van een gezonde financiële toestand van de gemeente.
Het college van burgemeester en schepenen stelt voor om de gemeentelijke opcentiemen op de onroerende voorheffing voor het aanslagjaar 2026 voor de gemeente Pajottegem vast te stellen op 895 opcentiemen.
De grondwet, in het bijzonder de artikelen 41, 162 en 170 § 4.
Het Wetboek van Inkomstenbelastingen 1992, in het bijzonder artikel 464/1, 1°.
Het decreet van 13 december 2013 houdende de Vlaamse Codex Fiscaliteit, zoals later gewijzigd, in het bijzonder de artikelen 2.1.4.0.2 en 3.1.0.0.4.
Het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017, zoals later gewijzigd.
De opbrengst van deze belasting is voorzien in het meerjarenplan 2026-2031 onder jaarbudgetrekening GBB/0020-00/7300000.
Artikel 1 - Voor het aanslagjaar 2026 worden ten bate van de gemeente Pajottegem 895 gemeentelijke opcentiemen op de onroerende voorheffing geheven.
Artikel 2 - De vestiging en de inning van de gemeentebelasting gebeuren door de Vlaamse Belastingdienst.
Artikel 3 - Dit besluit treedt in werking op 1 januari 2026.
Artikel 4 - Dit reglement wordt bekendgemaakt overeenkomstig de wettelijke bepalingen ter zake.
Voor het aanslagjaar 2026 worden ten bate van de gemeente Pajottegem 895 gemeentelijke opcentiemen op de onroerende voorheffing geheven.