Dit reglement bepaalt de voorwaarden, modaliteiten en procedure voor het toekennen van de investeringssteun.
Het reglement kadert binnen het lokaal jeugd- en sportbeleid van de gemeente Pajottegem en binnen de beleidsdoelstellingen van het goedgekeurde strategisch meerjarenplan.
De steun heeft tot doel de verenigingen te ondersteunen bij duurzame investeringen die bijdragen tot:
De steun bestaat uit een gemengde financiële ondersteuning, nl. een subsidie en een renteloze lening met een looptijd van 20 jaar.
Het is wenselijk om alle verenigingen op een gelijkwaardige manier te ondersteunen en alle ondersteuningsmogelijkheden transparant in één reglement te bundelen.
Het decreet lokaal bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, artikel 40, 285-288, 330-334
De nodige kredieten zijn voorzien in het gemeentelijk meerjarenplan 2026-2030 onder budgetsleutels:
Positief advies van:
Door het voorzien van een investeringssteun wil het lokaal bestuur het verenigingsleven ondersteunen om zelf te voorzien in veilige jeugdlokalen en sportinfrastructuur die ook alle kansen biedt om de werking van de vereniging te optimaliseren en toekomstgericht uit te bouwen.
Artikel 1 - De gemeenteraad keurt het reglement betreffende investeringssteun voor infrastructuurwerken aan jeugdlokalen en sportinfrastructuur als volgt goed:
ARTIKEL 1: ALGEMEEN
§1. Voor de toepassing van dit reglement wordt verstaan onder:
§2. Binnen de grenzen van het goedgekeurde budget verleent de gemeente Pajottegem investeringssteun voor het bouwen en/of verbouwen van volgende onroerende infrastructuur:
§3. Dit reglement bepaalt de voorwaarden, modaliteiten en procedure voor het toekennen van de investeringssteun op het grondgebied van de gemeente Pajottegem.
§4. De toekenning van de steun is facultatief en gebeurt uitsluitend binnen de perken van de beschikbare budgettaire kredieten. Dit reglement creëert geen automatisch of afdwingbaar recht op ondersteuning.
ARTIKEL 2: KWALIFICATIE VAN DE STEUN
§1. De steun bestaat uit een gemengde financiële ondersteuning:
§2. De renteloze lening maakt integraal deel uit van het gemeentelijk ondersteuningsbeleid en heeft een publiekrechtelijk karakter. Voor zover de steun niet dient ter ondersteuning van een professionele activiteit en uitsluitend wordt toegekend vanuit een beleidsmatig en niet-commercieel oogmerk valt dit in beginsel niet onder het toepassingsgebied van het economisch recht inzake kredietverlening.
§3. De renteloze lening:
De leningsovereenkomst kan geen bepalingen bevatten die afwijken van of afbreuk doen aan dit reglement.
§4. De verhouding tussen subsidie, renteloze lening en eigen financiering wordt vastgesteld overeenkomstig artikel 9 en maakt integraal deel uit van de individuele toekenningsbeslissing.
ARTIKEL 3: TOEPASSINGSGEBIED BEGUNSTIGDEN
§1. Voor toepassing van dit reglement komen uitsluitend verenigingen in aanmerking die cumulatief aan de volgende vereisten voldoen:
Het verlies, de schorsing of het niet-hernieuwen van de erkenning, conform het geldende reglement inzake erkenning van verenigingen van de gemeente Pajottegem, kan aanleiding geven tot opschorting van uitbetalingen en, in voorkomend geval, de stopzetting van de steuntoekenning met een volledige terugvordering overeenkomstig artikel 16 en 17.
§2. Van dit reglement zijn onder meer uitgesloten:
ARTIKEL 4. TOEPASSINGSGEBIED STEUN
§1. De steun heeft tot doel de verenigingen te ondersteunen bij duurzame investeringen in infrastructuur die bijdragen tot een kwalitatieve, duurzame, toegankelijke en inclusieve werking van de vereniging.
§2. De steun kan uitsluitend betrekking hebben op investeringen voor infrastructuurwerken aan jeugdlokalen of sportinfrastructuur (onroerende goederen of aan onroerende goederen door bestemming die worden aangewend voor niet-commerciële doeleinden).
§3. De kosten kunnen betrekking hebben op:
Uitgesloten zijn onderzoek-, notaris-, architect- en veiligheidscoördinatiekosten.
ARTIKEL 5: TOEKENNINGSVOORWAARDEN VERENIGING
§1. De toelage moet gebruikt worden voor de financiering van bouw- of verbouwingswerken die noodzakelijk zijn voor de ontwikkeling van de activiteiten die behoren tot de normale werking van de vereniging zoals bedoeld in artikel 3 §1.
§2. De vereniging, zoals bedoeld in artikel 3 §1, moet:
Gedurende deze termijn moet de infrastructuur waarop de toelage betrekking heeft hoofdzakelijk gebruikt worden voor de rechtstreekse werking van de vereniging.
§3. De vereniging beschikt over voldoende financiële draagkracht om haar eigen aandeel in de geplande investeringskost en de lening te dragen. Zij staat in voor verzekering, onderhoud en exploitatie van de infrastructuur volgens zorgvuldig en behoorlijk beheer.
§4. Indien meerdere verenigingen gezamenlijk een aanvraag indienen, gebeurt dit via een daartoe opgerichte overkoepelende vzw. Deze nieuw-opgerichte overkoepelende vzw dient ook aan de toekenningsvoorwaarden te voldoen.
ARTIKEL 6: TOEKENNINGSVOORWAARDEN INFRASTRUCTUUR
De infrastructuur:
De werken mogen slechts worden aangevat na het bekomen van de definitieve toekenningsbeslissing en de nodige omgevingsvergunningen.
ARTIKEL 7: STEUNAANVRAGEN EN BUDGETTAIRE BEGRENZIN
§1. Het steunbedrag wordt bepaald op basis van het ontvankelijke aanvraagdossier en een realistische financiële raming van de investeringskost, gestaafd door bewijsstukken.
Bij de berekening van het steunbedrag (cumulatief):
§2. De steun wordt toegekend binnen de perken van de kredieten die zijn opgenomen in het goedgekeurde meerjarenplan en budget van de gemeente.
Indien er onvoldoende kredieten zijn in het jaarbudget maar voldoende kredieten zijn in het meerjarenplan, kan het college beslissen om een steunaanvraag reeds goed te keuren maar de datum van invoegetreding vast te leggen op een later tijdstip. In het collegebesluit van toekenning wordt uitdrukkelijk de datum van invoegetreding van de steun vermeld.
Afhankelijk van de uitvoeringsdatum van het project kan het college een steunaanvraag steeds toewijzen aan het correcte boekjaar. In het collegebesluit van toekenning wordt uitdrukkelijk de datum van invoegetreding van de steun vermeld.
§3. Aanvragen worden halfjaarlijks behandeld op basis van:
Bij een gelijke beoordeling worden de projecten op basis van chronologische volgorde toegekend. De aanvraagdatum is de datum waarop het aanvraagdossier volledig is
Bij de behandeling van de steunaanvragen zal het college waken over een evenwichtige verdeling van de toekenningen tussen jeugdlokalen en sportinfrastructuur.
ARTIKEL 8: INDELING CATEGORIEEN
§1. De steunaanvragen worden ingedeeld in 3 categorieën, afhankelijk van de kostprijs van het project en aanvullende voorwaarden. De steunaanvraag voor infrastructuurwerken kan niet uitgesplitst worden over verschillende categorieën.
§2. De repetitiviteit van een aanvraag bepaalt het herhalend karakter. Hiervoor wordt de toekenningsdatum van de laatste investeringssteun conform dit reglement als startdatum genomen!
Vb. Vereniging X kreeg op 1/9/2026 een investeringssteun categorie 1. Vereniging X kan vanaf 1/9/2031 een nieuwe aanvraag investeringssteun indienen.
Vb. Vereniging Y kreeg op 1/9/2026 een investeringssteun categorie 3. Vereniging Y kan vanaf 1/9/2036 een nieuwe aanvraag investeringssteun indienen.
§3. In categorie 2 kan de aanvrager opteren tussen 2 formules:
§4. In categorie 3 komen enkel infrastructuurwerken in aanmerking waarbij verenigingen samenwerken. Met de gunstigere steunbedragen beoogt het gemeentebestuur maximale
optimalisatie zodat geen tweemaal door de gemeente dient geïnvesteerd te worden. Conform artikel 4 §4 gebeurt de aanvraag steeds via een daartoe opgerichte overkoepelende vzw.
Onder samenwerking wordt verstaan: “een fusie of integratie van de werking van verenigingen die bij ingang van dit reglement in Pajottegem gevestigd en erkend zijn én waarbij de geplande infrastructuurwerken een daadwerkelijk en proportioneel inkrimpen of herlokaliseren van de infrastructuur op meerdere en verschillende locaties betreft”.
Vb. 2 voetbalclubs met huidige accommodatie op verschillende locaties fusioneren en doen aanvraag voor het vernieuwen van kantine en kleedkamers op 1 locatie.
Vb. 2 jeugdverenigingen met huidige accommodatie op verschillende locaties bouwen samen nieuwe jeugdlokalen op 1 locatie en integreren hun werking voor het gebruik van de nieuwe infrastructuur.
ARTIKEL 9: BEDRAGEN
| CATEGORIE 1 | CATEGORIE 2 | CATEGORIE 2 | CATEGORIE 3 | |
| PAJOTTEGEM | 15.000 - 100.000 | > 100.000 | > 100.000 |
samenwerking > 100.000 |
| investeringstoelage | 40% | 35% | 50% | 50% |
| renteloze lening | 35% | 25% | ||
| minimale eigen bijdrage | 60% | 30% | 50% | 25% |
| maximum $ investeringstoelage | 40.000 | 227.500 | 325.000 | 325.000 |
| maximum $ renteloze lening | 227.500 | 162.500 | ||
| maximale terugbetaaltermijn | na 20 jaar | na 20 jaar | na 20 jaar | |
| repetitiviteit: volgende aanvraag | na 5 jaar | na 10 jaar | na 10 jaar | na 10 jaar |
ARTIKEL 10: AANVRAAGPROCEDURE
§1. De aanvragen worden 2x per kalenderjaar behandeld, meer bepaald in een toewijsronde startend op 31 maart en in een toewijsronde startend op 30 september. Om in de toewijsronde opgenomen te worden, dienen het aanvraagformulier en het volledige aanvraagdossier op voornoemde data digitaal in het bezit te zijn van het gemeentebestuur (zie ook artikel 11§2). Indien het aanvraagdossier op voornoemde data onvolledig is, wordt het aanvraagdossier niet behandeld en doorgeschoven naar een latere toewijsronde.
§2. Het aanvraagdossier bevat:
ARTIKEL 11: ADVIES
§1. De aanvragen worden inhoudelijk geëvalueerd door een adviescommissie van de gemeentelijke administratie, bestaande uit:
§2. De adviescommissie doet binnen de 30 dagen na ontvangst van het aanvraagdossier:
Indien het dossier onvolledig is, wordt de vereniging hiervan onmiddellijk schriftelijk op de hoogte gebracht en wordt hen gevraagd het dossier te vervolledigen voor de startdatum van de toewijsronde (zie artikel 10 §1);
§3. De adviescommissie brengt binnen de 30 dagen na startdatum van de toewijsronde een gemotiveerd schriftelijk advies op basis van de elementen opgenomen in artikel 7 §3 van dit reglement uit aan het college. De volledige aanvraagdossiers en de individuele beoordelingen van de adviescommissie worden in bijlage toegevoegd aan het gemotiveerde advies.
ARTIKEL 12: BESLUITVORMING
§1. Het college neemt binnen de 30 dagen na ontvangst van het advies van de adviescommissie een gemotiveerde individuele beslissing over de toekenning van de steun.
§2. In uitvoering van deze beslissing zal het college een contract afsluiten met de vereniging dat de voorwaarden met betrekking tot de toelage specificeert.
ARTIKEL 13: VERBINTENISSEN VAN DE ONTLENER
§1. De betalingen gebeuren volgens de voorwaarden zoals bepaald in het contract en in dit reglement. In een contract tussen de vereniging enerzijds en de gemeente anderzijds zal de vereniging zich ertoe verbinden de toelage uitsluitend aan te wenden voor de financiering van de werken zoals beschreven in het goedgekeurde aanvraagdossier.
§2. De vereniging verbindt er zich toe de nodige verzekeringspolissen af te sluiten, en alle toepasselijke premies stipt te voldoen. Deze verzekeringspolissen moeten minstens geldig blijven, eventueel na jaarlijkse hernieuwing, tot de einddatum van het contract.
§3. De vereniging moet er zich toe verbinden de afgevaardigde(n) van de gemeente steeds toegang te verlenen tot de percelen en infrastructuur waarop de toelage betrekking heeft en dit gedurende de looptijd van het contract.
ARTIKEL 14: UITVOERING EN CONTROLE
§1. De werken, waarvoor steun werd aangevraagd en bekomen, dienen te worden aangevat binnen een termijn van 2 jaar na het toekenningsbesluit. In geval van eventuele beroepsprocedures in het kader van de vergunningsverlening, wordt deze aanvangstermijn opgeschort gedurende de doorlooptijd van de vergunningsprocedure (met bijhorende beroepsprocedures).
§2. Het college kan controleren of de voorwaarden uit het reglement worden nageleefd. Deze controle betreft uitsluitend het gebruik en de bestemming van de steun en de gesubsidieerde infrastructuur en impliceert geen optreden als bouwheer of opdrachtgever.
ARTIKEL 15: FINANCIËLE PROCEDURE VOOR DE UITBETALING
§1. Indien een stedenbouwkundige vergunning (omgevingsvergunning) nodig is, kan slechts tot uitbetaling worden overgegaan nadat deze vergunning werd afgeleverd.
§2. Een eerste schijf van 75% van het toegekende bedrag (berekend op de geraamde onkosten die de vereniging dient te bewijzen aan de hand van bestelbonnen, facturen of met andere middelen) zal betaald worden binnen 50 dagen na ondertekening van het contract door het college en de daartoe gerechtigde vertegenwoordiger(s) van de vereniging.
Indien de voorgelegde bewijzen van de geraamde onkosten niet goedgekeurd worden door het college, zal dit binnen de 50 dagen de redenen van weigering aan de ontleners meedelen.
§3. De tweede schijf van 25% is een afrekening en wordt uitbetaald binnen de 50 dagen na voorlegging van de bewijzen van de aanwending van de eerste schijf en de nog te betalen of al betaalde facturen van de laatste schijf.
ARTIKEL 16: FINANCIËLE PROCEDURE VOOR DE TERUGBETALING VAN DE LENING
§1. Het college bepaalt de terugbetalingstermijn in verhouding tot het ontleende bedrag (grotere ontleende bedragen kunnen een langere terugbetalingstermijn hebben). De vereniging dient het volledige ontleende bedrag terug te betalen binnen een vooraf afgesproken termijn van maximaal 20 jaar. De eerste terugbetaling dient te gebeuren binnen de termijn van een jaar na de eerste opname en wordt berekend op het totale bedrag dat werd toegekend. De vereniging moet er zich toe verbinden het ontleende bedrag terug te betalen door minimaal een jaarlijkse storting binnen de contractueel overeengekomen terugbetaaltermijn. Elke storting bedraagt eenzelfde percentage van het totaal ontleende bedrag.
§2. Bij laattijdige betaling wordt het eisbare bedrag van rechtswege en zonder aanmaning verhoogd met een interest die gelijk is aan de debetrente op zicht.
§3. In geval van niet-betaling binnen de 30 dagen na aanmaning bij aangetekende brief wordt het volledige bedrag van de lening onmiddellijk opeisbaar en zal het gehele nog verschuldigde bedrag vermeerderd worden met de intresten berekend op basis van de debetrente op zicht + 1%. De vereniging verliest op dat ogenblik haar recht op uitbetaling van volgende schijven, tot de volledige terugbetaling van het ontleende bedrag, vermeerderd met interesten. Indien de vereniging aanspraak kan maken op gemeentelijke subsidies van welke aard dan ook, heeft de gemeente het recht om deze niet uit te betalen en te verrekenen met het nog verschuldigde bedrag van de lening.
§4. Mits akkoord van de gemeente en alle contracterende partijen, kunnen één of meerder personen als rechtsopvolger(s) van de oorspronkelijke ontlener(s) worden aanvaard. Zulk beding zal het voorwerp uitmaken van een aanvullende overeenkomst, onderschreven door alle partijen.
ARTIKEL 17: PROCEDURE VOOR DE TERUGVORDERING VAN DE STEUN
§1. Indien wordt vastgesteld dat de aanvrager de bepalingen van dit reglement, de beslissing van het college en/of de eraan verbonden voorwaarden niet naleeft, en/of onjuiste, onvolledige of misleidende verklaringen heeft afgelegd, kan het college beslissen om de steun zoals bedoeld in artikel 4 terug te vorderen.
§2. Voorafgaand aan een beslissing tot terugvordering stelt de adviescommissie van de gemeentelijke administratie een gemotiveerd voorlopig verslag op waarin de vastgestelde
tekortkomingen, de juridische grondslag en het voorgenomen terug te vorderen bedrag worden vermeld.
§3. De ontvanger van de steun wordt schriftelijk in kennis gesteld van het voornemen tot terugvordering en krijgt de mogelijkheid om binnen een termijn van minimaal 15 en maximaal 30 kalenderdagen zijn opmerkingen schriftelijk over te maken aan en/of mondeling te worden gehoord door het college.
§4. Het college beoordeelt de ingediende opmerkingen en beslist gemotiveerd over de terugvordering. Daarbij wordt rekening gehouden met de ernst van de tekortkoming, de mate waarin het steundoel werd gerealiseerd en het evenredigheidsbeginsel.
§5. De beslissing tot terugvordering vermeldt ten minste:
§6. Indien de steunontvanger het verschuldigde bedrag niet vrijwillig terugbetaalt binnen de opgelegde termijn, kan het college overgaan tot invordering overeenkomstig de geldende regelgeving.
ARTIKEL 18: SLOT- EN OVERGANGSBEPALINGEN
§1. Door het indienen van een aanvraag verklaart de aanvrager zich onvoorwaardelijk akkoord met dit reglement en met de beslissingen die in uitvoering ervan worden genomen.
§2. De gemeente Pajottegem kan niet aansprakelijk worden gesteld voor schade die rechtstreeks of onrechtstreeks voortvloeit uit of verband houdt met de voorbereiding, uitvoering of oplevering van de werken.
§3. In alle communicatie over het project vermeldt de begunstigde de ondersteuning van de gemeente Pajottegem.
§4. In gevallen die niet uitdrukkelijk door dit reglement worden geregeld, beslist het college uitsluitend over de praktische uitvoering en individuele toepassing ervan, zonder aanvullende voorwaarden vast te stellen en zonder af te wijken van de door de gemeenteraad vastgestelde bepalingen. Deze beslissingen mogen geen nieuwe toekenningsvoorwaarden of beoordelingscriteria invoeren.
§5. Voor eerder toegekende steun gelden de eerdere reglementen en blijven de bestaande beslissingen en overeenkomsten onverminderd van kracht.
Artikel 2 - Dit reglement treedt in werking op 1 mei 2026.
De gemeenteraad keurt het reglement betreffende investeringssteun voor infrastructuurwerken aan jeugdlokalen en sportinfrastructuur goed.