De voorzitter opent de zitting op 27/01/2026 om 20:00.
De gemeenteraad keurt de notulen van de zitting van de gemeenteraad van 23 december 2025 goed.
De gemeenteraad keurt de notulen van de zitting van de gemeenteraad van 23 december 2025 goed.
In de loop van september 2024 werd in overleg met de erfgoedverenigingen van Galmaarden, Gooik en Herne enkele pistes uitgewerkt betreffende een nieuw wapenschild voor de nieuwe fusiegemeente Pajottegem. Op basis van deze pistes werkte heraldisch tekenaar Marc Van de Cruys gedurende de zomer van 2025 enkele voorstellen uit.
Er gebeurde reeds overleg tussen de heraldische tekenaar en de Vlaamse Heraldische Raad omtrent deze voorstellen.
Begin september 2025 ontving de algemeen directeur de voorstellen van de heraldisch tekenaar. Deze werden op het MAT van 16 september en op het college van 23 september besproken.
Op 4 november 2025 en 3 december 2025 gebeurden er een terugkoppelingen naar de werkgroep met de de erfgoedverenigingen van Galmaarden, Gooik en Herne. Met de feedback die uit deze vergaderingen voortkwam pastte de heraldisch tekenaar zijn voorstellen aan tot een definitief voorstel. Dit voorstel werd op 30 december aan de algemeen directeur bezorgd.
Het beschikken over een vlag en wapen is wettelijk bepaald. Het wapenschild van Pajottegem dient principieel te worden goedgekeurd door de gemeenteraad.
Daarna zal dit goedgekeurde wapenschild worden voorgelegd aan de Vlaamse Regering (met advies van Vlaamse Heraldische Raad) die het voorstel kan bekrachtigen of wijzigingen kan vragen.
De Vlaamse Heraldische Raad zal na deze bekrachtiging een heraldische beschrijving van het wapenschild en vlag opstellen.
Het decreet lokaal bestuur, artikel 40
Het decreet van 27 april 2007 over de vaststelling van het wapen en de vlag van de provincies, gemeenten en districten en de Vlaamse Gemeenschapscommissie
Het collegebesluit van 30 juni 2025 over het wapenschild van Pajottegem: opdrachtomschrijving
Het collegebesluit van 23 september 2025 over de voorstellen voor het wapenschild van Pajottegem
Het beschikken over een vlag en wapen is wettelijk bepaald. In het ontwerp is rekening gehouden met de historische context van de wapenschilden van de voormalige gemeenten Galmaarden, Gooik en Herne.
Wapenschild:
Uitgangspunt van het ontwerp van het wapenschild is dat deze een gelijkwaardige fusie moeten beklemtonen van drie landelijke gemeenten.
Er werd als achtergrond gekozen voor de drie hoofdkleuren van de drie vroegere wapenschilden (goud, groen en blauw). Deze drie hoofdkleuren hebben elk hun eigen symboliek die van toepassing is op de fusiegemeente: goud (graanvelden en landbouw), groen (natuur en bossen) en blauw (water, rivier en beken).
De golvende dwarsbalken in het midden (in wit en blauw) symboliseren enerzijds de getijdenheuvels en het heuvelachtige landschap en anderszijds de rivier Mark die door Galmaarden en Herne stroomt.
Op het wapenschild staan drie elementen uit de vroegere wapenschilden: herkruist kruis met spitse voet (Herne), aanziende leeuw (Galmaarden) en drie hamertjes (Gooik).
Dit wapenschild heeft al een informeel positief advies ontvangen van de Vlaamse Heraldische Raad via de heraldisch tekenaar Marc Van de Cruys.
Heraldische blazoenering:
doorsneden van sinopel en goud en beladen met een versmalde golvende viertoppige dwarsbalk van twee stukken: zilver en lazuur; in het hoofd rechts vergezeld van een herkruist kruisje met spitse voet van goud en links van een aanziende gaande leeuw van hetzelfde, genageld en getongd van keel en onder van drie rechtshellende klophamers van sabel.
Artikel 1 - De gemeenteraad keurt het wapenschild voor de fusiegemeente Pajottegem principieel goed.
Artikel 2 - De gemeenteraad keurt de vlag voor de fusiegemeente Pajottegem principieel goed.
Artikel 3 - Een uittreksel van dit besluit inclusief bijlagen wordt overgemaakt aan de Vlaamse Regering (Vlaamse Heraldische Raad) ter bekrachtiging van het ontwerp van wapenschild en vlag.
De gemeenteraad keurt het wapenschild en de vlag voor de fusiegemeente Pajottegem principieel goed.
In september 2025 lanceerde de VVSG de vernieuwde engagementsverklaring ‘Globale Doelen, Lokale Actie’.
Door te ondertekenen geeft het lokaal bestuur het signaal dat ze inzet op duurzame ontwikkeling in de gemeente. Ze werkt daarbij op sociaal, economisch en ecologisch vlak, met de 17 duurzame ontwikkelingsdoelstellingen van de VN als leidraad.
Het decreet lokaal bestuur, artikel 40
In tegenstelling tot de eerste versie van de verklaring, gelanceerd in 2016, is de nieuwe tekst beknopter en concreter. Ondertekenaars engageren zich om - op eigen ritme en naar eigen mogelijkheden - duidelijk omschreven stappen te zetten, opgebouwd in een groeipad (van een sterke basis naar een verregaand en geïntegreerd duurzaam beleid).
ENGAGEMENTSVERKLARING 'GLOBALE DOELEN, LOKALE ACTIE' VOOR LOKALE BESTUREN
De 17 duurzame ontwikkelingsdoelstellingen (SDG’s) van de Verenigde Naties vormen een krachtige leidraad voor een duurzame en inclusieve toekomst. Lokale besturen staan het dichtst bij de burger en zijn dan ook essentieel om deze doelstellingen waar te maken. Door in te zetten op de SDG’s bouwen we samen aan een gezonde leefomgeving en een solidaire samenleving.
Met deze engagementsverklaring:
DE BASIS
VERDER OP WEG
DIEPGAANDE INTEGRATIE
De Agenda 2030 is een weliswaar overkoepelend, maar allerminst alleenstaand kader waarbinnen het lokaal bestuur haar pad richting duurzaam beleid uittekent.
We verbinden ons er daarom toe onze inspanningen te bundelen en de samenhang en zichtbaarheid van ons duurzaam beleid te versterken. We inventariseren onze bijdrage aan verwante engagementen en charters2 en brengen waar mogelijk mensen, middelen, initiatieven, opvolging en communicatie samen.
We doen ten slotte een oproep aan hogere overheden om hun verantwoordelijkheid te nemen en samen te werken - met elkaar en met lokale besturen - in functie van de realisatie van de SDG’s.
Deze verklaring is geen eindpunt, maar een uitnodiging tot voortdurende verbetering. Als lokaal bestuur kiezen we resoluut voor een toekomst waarin niemand achterblijft.
Enig artikel - De gemeenteraad keurt de engagementsverklaring 'Globale Doelen Lokale Actie' goed.
De gemeenteraad keurt de engagementsverklaring 'Globale Doelen Lokale Actie' goed.
Het decreet “Preventieve gezinsondersteuning” werd goedgekeurd op 14 juni 2013 en trad in werking op 1 januari 2014. In dit decreet werd de oprichting gevraagd van een “Huis van het Kind” met als doel het welbevinden van (aanstaande) ouders te bevorderen door ze te ondersteunen op gebied van welzijn en gezondheid (gezondheid, ontwikkeling en opvoeding, sociale netwerken, risico’s/problemen opsporen en doorverwijzen, toedienen van vaccinaties, kwetsbare gezinnen versterken en een gezinsvriendelijk klimaat te creëren).
Huis van het Kind Pajottenland is een samenwerkingsverband tussen de gemeenten Galmaarden, Gooik, Herne, Lennik, Pepingen en Bever en CAW Halle-Vilvoorde en werd erkend sedert 1 november 2014. Sedert 2016 is het subsidiehouderschap in handen van ONS (Leren@Vaart vzw) en is de coördinator ook bij hen tewerkgesteld.
In september 2019 besloten voornoemde gemeenten het Lokaal Loket Kinderopvang te organiseren via het Huis van het Kind Pajottenland. Leren@Vaart vzw werd ook hier aangeduid als subsidiehouder.
In zitting van 23 december 2025 besluit de gemeenteraad om de samenwerking met Leren@Vaart vzw stop te zetten per 1 januari 2026 en via een intergemeentelijk samenwerkingsverband in de vorm van een interlokale vereniging (ILV) de bestaande werking en dienstverlening Huis van het Kind Pajottenland en Lokaal Loket Kinderopvang Pajottenland over te nemen. Opgroeien Vlaanderen keurde de overdrachten HVHK en LLKO reeds goed.
Het decreet lokaal bestuur, artikel 40 en inzonderheid artikels 388-395
Het decreet “Preventieve gezinsondersteuning” van 14 juni 2013
Het gemeenteraadsbesluit van 23 december 2025 inzake Huis van het Kind Pajottenland en Lokaal Loket Kinderopvang: wijziging vertegenwoordiger en organisator naar gemeente Pajottegem - intentieverklaring tot oprichting interlokale vereniging
Het LOK werd geraadpleegd en gaf gunstig advies op 4 december 2025.
De oprichting van een interlokale vereniging is noodzakelijk om de samenwerking tussen de gemeenten Pajottegem, Lennik, Pepingen en Bever te formaliseren en het aanbieden van de dienstverlening van Huis van het Kind Pajottenland en Lokaal Loket Kinderopvang Pajottenland verder te ondersteunen.
De gemeente Pajottegem wordt aangesteld als beherende gemeente en stelt een personeelslid voor 20u per week ter beschikking van de ILV Huis van het Kind Pajottenland.
Het samenwerkingsverband is gegrond op een overeenkomst met statutaire draagkracht die bepalingen bevat over de duur en de eventuele verlenging, de opzegmogelijkheid, de eventuele inbreng van de deelnemers waaronder een eventuele inbreng in nijverheid en de wijze waarop die inbreng wordt beheerd, de interne organisatie, de wederzijdse rechten en verplichtingen en de financiële repercussies, de informatieverstrekking aan de deelnemers en de jaarlijkse evaluatie door de gemeenteraden, de opmaak van de rekeningen en de bestemming van het resultaat, de financiële controle, de vereffening.
Artikel 1 - De gemeenteraad keurt de oprichting van de interlokale vereniging zonder rechtspersoonlijkheid "Huis van het Kind Pajottenland", een samenwerkingsverband tussen de gemeenten Bever, Lennik, Pajottegem en Pepingen goed.
Artikel 2 - De gemeenteraad keurt de overeenkomst met statutaire draagkracht met de gemeenten Lennik, Pepingen en Bever, zoals ook opgenomen in de bijlage bij dit besluit, als volgt goed:
INTERLOKALE VERENIGING HUIS VAN HET KIND PAJOTTENLAND
Tussen de hierna vermelde lokale besturen Bever, Lennik, Pajottegem en Pepingen wordt overeengekomen om een interlokale vereniging op te richten volgens de bepalingen van het decreet lokaal bestuur van 22 december 2017.
1. BENAMING, ZETEL, DOEL, DUUR
Artikel 1
De interlokale vereniging draagt als naam "ILV Huis van het Kind Pajottenland". Ze wordt beheerst door de bepalingen van het decreet lokaal bestuur van 22/12/2017 houdende de intergemeentelijke samenwerking en door deze statuten.
Artikel 2
Voor de toepassing van deze overeenkomst wordt verstaan onder :
Artikel 3
De zetel van de vereniging is gevestigd in de beherende gemeente, Marktplein 19 te 1570 Pajottegem.
Artikel 4
De vereniging heeft tot doel om het welbevinden van (aanstaande) ouders en gezinnen te bevorderen door ze te ondersteunen op het gebied van welzijn en gezondheid zodat voor ieder kind en jongere maximale gezondheids- en welzijnswinsten gerealiseerd worden. De preventieve gezinsondersteuning omvat:
Minimaal aanbod moet minstens regelmatig aanwezig zijn:
Artikel 5
De interlokale vereniging wordt opgericht voor onbepaalde duur.
2. LEDEN
Artikel 6
De gemeenten Pajottegem, Lennik, Pepingen en Bever zijn de stichtende leden van de interlokale vereniging.
Artikel 7
Er kunnen nieuwe leden tot de interlokale vereniging toetreden. Kandidaat-leden dienen zich bij gewone brief te richten tot het beheerscomité. Een nieuw lid kan enkel definitief als lid van de vereniging aanvaard worden als alle leden van de vereniging daarmee hebben ingestemd. De toetreding neemt een aanvang op de eerste dag van de maand volgend op de vergadering van het beheerscomité waarop tot aanvaarding beslist werd.
Artikel 8
De leden kunnen uittreden per 1 januari, het begin van het nieuwe begrotingsjaar. De vooropzegging geschiedt ten laatste op 1 oktober van het lopende jaar. De vooropzegging wordt schriftelijk kenbaar gemaakt aan de andere gemeenten. Tijdens de eerste twee jaar van deelname is er geen uittreding mogelijk.
De uittredende partij heeft in elk geval geen recht op recuperatie van de ingebrachte financiële middelen en roerende of onroerende goederen.
Artikel 9
Het beheerscomité kan adviserende leden in het beheerscomité opnemen.
3. BEHEERSCOMITE
Artikel 10
Binnen de vereniging wordt een beheerscomité opgericht.
De gemeenten worden als lid in het beheerscomité uitsluitend vertegenwoordigd door gemeenteraadsleden, burgemeester of schepenen, daartoe aangeduid door de gemeenteraad.
De gemeenteraad duidt eveneens een vervanger aan die de afgevaardigde bij gewettigde afwezigheid kan vervangen. Indien de afgevaardigde en de aangeduide vervanger afwezig zijn, kan de afgevaardigde steeds een ander lid van de gemeenteraad aanduiden om hem/haar te vervangen.
De leden van het beheerscomité worden benoemd voor de periode van een legislatuur, onverminderd de mogelijkheid van de gemeenteraden om het mandaat van hun vertegenwoordigers in te trekken en onverminderd de beëindiging van rechtswege van het mandaat van de leden van het beheerscomité van zodra zij hun hoedanigheid van schepen of gemeenteraadslid (voor de plaatsvervanger) verliezen.
De leden blijven evenwel lid van het beheerscomité tot het moment dat er in hun vervanging is voorzien.
Bij vernieuwing van de legislatuur duiden de deelnemende gemeenten in de loop van de maand januari volgend op het jaar van de verkiezingen tot algehele vernieuwing van de gemeenteraden, de nieuwe afgevaardigde aan. Zij treden aan op 1 april daaropvolgend.
Artikel 11
Alle deelnemende leden hebben recht op één afgevaardigde. De afgevaardigde van Pajottegem beschikt over 3 stemmen, de afgevaardigde van Lennik over 2 stemmen en de afgevaardigden van Pepingen en Bever elk over 1 stem.
Artikel 12
Het beheerscomité kan elke persoon wiens aanwezigheid hij nuttig oordeelt, uitnodigen tot het bijwonen van zijn vergaderingen. Hun aanwezigheid moet in de notulen worden vermeld. Deze personen hebben geen stemrecht.
Artikel 13
Bij elke algehele vernieuwing van de gemeenteraden duiden de nieuwe leden van het beheerscomité onder hun stemgerechtigde leden een voorzitter aan. De kandidaturen worden in het begin van de zitting afgegeven aan de secretaris van de vereniging. De verkiezing van de voorzitter is geheim en gebeurt bij gewone meerderheid van stemmen. Bij gelijkheid van stemmen is de jongste kandidaat verkozen.
Deze procedure geldt ook bij tussentijdse vernieuwing van het voorzitterschap (ontslag, …).
De voorzitter kan schriftelijk onder de leden van het beheerscomité een vervanger aanduiden die hem/haar vervangt bij afwezigheid.
Artikel 14
Het beheerscomité kan slechts geldig vergaderen indien de meerderheid (fysiek of digitaal) aanwezig is.
De tweede oproeping gebeurt overeenkomstig de bepalingen van het huishoudelijk reglement. In deze tweede oproep wordt er uitdrukkelijk gewezen op het feit dat het beheerscomité over de punten die voor de tweede maal op de agenda voorkomen zal kunnen beraadslagen en beslissen, ongeacht het aantal aanwezige vertegenwoordigers.
Het beheerscomité neemt zijn beslissingen bij gewone meerderheid conform de bepalingen van artikel 11. Bij gelijkheid van stemmen is het voorstel verworpen.
De stemming over personen is steeds geheim.
Artikel 15
Tot de bevoegdheid van het beheerscomité behoren:
Artikel 16
De beherende gemeente vertegenwoordigt de vereniging in alle gerechtelijke en buitengerechtelijke handelingen als eiser en als verweerder, met inbegrip van de daden van beheer en beschikking, en voor alles wat tot de doelstelling van de vereniging behoort (zoals onder meer benoeming, ontslag, bezoldiging van het personeel, financieel beheer, enz.).
Artikel 17
Het beheerscomité vergadert minstens twee maal per jaar, eenmaal voor de goedkeuring van de jaarrekening van het afgelopen begrotingsjaar en eenmaal voor de begroting van het volgende jaar.
Artikel 18
Het beheerscomité stelt een huishoudelijk reglement op. Dit huishoudelijk reglement wordt bij de overeenkomst gevoegd zonder er evenwel deel van uit te maken.
4. PERSONEEL
Artikel 19
Conform artikel 394 van het decreet Lokaal Bestuur zet de beherende gemeente een deeltijds personeelslid deskundige kindbeleid (B1-B3), als coördinator Huis van het Kind Pajottenland, hierna genoemd ‘de coördinator‘, voor 20/38 per week in voor het behalen van de doelstellingen van het samenwerkingsverband (artikel 4).
De coördinator zal ook de taken als organisator van het Lokaal Loket Kinderopvang Pajottenland op zich nemen.
Artikel 20
De duurtijd voor het inzetten van het personeelslid loopt steeds gelijk met de duurtijd van deze overeenkomst. Het personeelslid behoudt al zijn rechten met inbegrip van het heropnemen van zijn/haar huidige functie en takenpakket in de beherende gemeente.
Bij vacature van de functie zal de beherende gemeente overgaan tot de aanstelling van een nieuw personeelslid met dezelfde graad en functieomschrijving.
Artikel 21
Het arbeidsreglement en het administratief en geldelijk statuut van de beherende gemeente blijven de rechten en plichten van de ambtenaar bepalen.
Artikel 22
De beherende gemeente stelt een kantoorruimte ter beschikking voor de coördinator en levert de nodige werkmiddelen. Daarnaast kan elke deelnemende gemeente een gesloten ontvangstruimte ter beschikking stellen in het kader van zitdagen op locatie.
De coördinator zorgt voor een evenredige spreiding van de projecten en acties over het grondgebied van de vereniging. In samenspraak met de lokale partners wordt er in het begin van het werkingsjaar een ontwerp van actieplan opgesteld waarbij duidelijk wordt weergegeven welke acties en projecten zullen worden opgenomen. Het Beheerscomité keurt jaarlijks het actieplan goed.
Artikel 23
De coördinator is adviserend lid van het beheerscomité en hij/zij staat in voor het secretariaat.
5. CONTRIBUTIES
Artikel 24
Alle kosten van de Interlokale Vereniging (A) worden betaald door de beherende gemeente:
De beherende gemeente ontvangt alle subsidies (B) die de gemeenten verkrijgen van de Vlaamse Regering in het kader van Huis van het Kind en Lokaal Loket Kinderopvang en int alle andere ontvangsten die de vereniging verwerft uit eigen werking (C).
De financiële dienst van de beherende gemeente maakt na elk werkingsjaar een gedetailleerd overzicht van gemaakte kosten en geïnde ontvangsten over aan de voorzitter van het beheerscomité.
Artikel 25
De contributie van de leden aan de beherende gemeente wordt als volgt berekend:
Het totaal van de kosten (A) wordt verminderd met de ontvangen subsidie van de Vlaamse Regering per gemeente (B) en met de ontvangsten uit eigen werking (C). Het resultaat wordt verdeeld over de gemeenten volgens dezelfde verdeelsleutel als de ontvangen subsidies (B) en vormt de netto-kostprijs per gemeente (D), zijnde de contributie van de leden aan de beherende gemeente.
Artikel 26
Voor nadere uitwerking van de statuten wordt verwezen naar het Huishoudelijk Reglement van de vereniging. Voor alles wat niet door deze statuten geregeld wordt, is het decreet lokaal bestuur van 22/12/2017 houdende de intergemeentelijke samenwerking van toepassing.
Artikel 3 - De algemeen directeur en de voorzitter van de gemeenteraad worden gemachtigd de samenwerkingsovereenkomst zoals gevoegd in bijlage te ondertekenen.
De gemeenteraad keurt de oprichting van een interlokale vereniging Huis van het Kind Pajottenland tussen Bever, Lennik, Pajottegem en Pepingen goed. Er wordt een samenwerkingsovereenkomst ondertekend.
Artikel 10 van de statuten van de interlokale vereniging Huis van het Kind Pajottenland bepaalt dat de gemeenten als lid in het beheerscomité uitsluitend worden vertegenwoordigd door gemeenteraadsleden, burgemeester of schepenen, daartoe aangeduid door de gemeenteraad. De gemeenteraad duidt eveneens een vervanger aan die de afgevaardigde bij gewettigde afwezigheid kan vervangen. Indien de afgevaardigde en de aangeduide vervanger afwezig zijn, kan de afgevaardigde steeds een ander lid van de gemeenteraad aanduiden om hem/haar te vervangen.
Artikel 11 van de statuten bepaalt dat alle deelnemende leden hebben recht op één afgevaardigde. De afgevaardigde van Pajottegem beschikt over 3 stemmen, de afgevaardigde van Lennik over 2 stemmen en de afgevaardigden van Pepingen en Bever elk over 1 stem.
Het decreet “Preventieve gezinsondersteuning” van 14 juni 2013
Het decreet lokaal bestuur, artikel 40 en inzonderheid artikelen 388-395
Het gemeenteraadsbesluit van 23 december 2025 inzake Huis van het Kind Pajottenland en Lokaal Loket Kinderopvang: wijziging vertegenwoordiger en organisator naar gemeente Pajottegem - intentieverklaring tot oprichting interlokale vereniging
Het gemeenteraadsbesluit van 27 januari 2026 houdende oprichting van de interlokale vereniging Huis van het Kind Pajottenland: goedkeuring overeenkomst
De gemeenteraad gaat bij geheime stemming over tot de aanduiding van een effectief lid voor het beheerscomité van de interlokale vereniging Huis van het Kind Pajottenland.
Kandidaat Marleen Merckaert
Kandidaat Kristel Moonens
Kandidaat Daniël Fonteyne
Gelet op het resultaat van de geheime stemming:
Marleen Merckaert 20 stemmen voor, Kristel Moonens 5 stemmen voor, Daniël Fonteyne 2 stemmen voor, 0 stemmen tegen, 0 stemmen onthouden.
De gemeenteraad duidt na geheime stemming Marleen Merckaert aan als effectief lid voor het beheerscomité van de interlokale vereniging Huis van het Kind Pajottenland.
De gemeenteraad gaat bij geheime stemming over tot de aanduiding van een plaatsvervangend lid voor het beheerscomité van de interlokale vereniging Huis van het Kind Pajottenland.
Kandidaat Remke Van Cauwelaert
Kandidaat Kelly Van Gossum
Kandidaat Quinten Bonet
Gelet op het resultaat van de geheime stemming:
Remke Van Cauwelaert 20 stemmen voor, Kelly Van Gossum 5 stemmen voor, Quinten Bonet 2 stemmen voor, 0 stemmen tegen, 0 stemmen onthouden.
De gemeenteraad duidt na geheime stemming Remke Van Cauwelaert aan als plaatsvervangend lid voor het beheerscomité van de interlokale vereniging Huis van het Kind Pajottenland.
Artikel 1 - Marleen Merckaert wordt aangeduid als effectief lid en Remke Van Cauwelaert als plaatsvervangend lid voor het Beheerscomité van de interlokale vereniging Huis van het Kind Pajottenland.
Artikel 2 - Afschrift van onderhavig besluit over te maken aan de gemeenten Bever, Pepingen en Lennik en aan de coördinator van de interlokale vereniging Huis van het Kind Pajottenland.
Marleen Merckaert 20 stemmen voor, Kristel Moonens 5 stemmen voor, Daniël Fonteyne 2 stemmen voor, 0 stemmen tegen, 0 stemmen onthouden.
Remke Van Cauwelaert 20 stemmen voor, Kelly Van Gossum 5 stemmen voor, Quinten Bonet 2 stemmen voor, 0 stemmen tegen, 0 stemmen onthouden.
De gemeenteraad duidt Marleen Merckaert als effectief lid en Remke Van Cauwelaert als plaatsvervangend lid aan in het beheerscomité van de interlokale vereniging 'Huis van het Kind Pajottenland'.
De financieel directeur rapporteert aan de Raad over een aantal aangelegenheden die opgesomd staan in het decreet over het lokaal bestuur, meer bepaald o.a. de thesaurietoestand, de evolutie van de budgetten, het debiteurenbeheer en de visums van de financieel directeur.
Het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017, in het bijzonder artikel 40 en 177.
Het decreet lokaal bestuur schrijft in artikel 177 voor:
De financieel directeur rapporteert in volle onafhankelijkheid over de volgende aangelegenheden aan de gemeenteraad, aan de raad voor maatschappelijk welzijn, aan het college van burgemeester en schepenen, en aan het vast bureau:
1° de vervulling van de opdrachten, vermeld in dit artikel;
2° de thesaurietoestand, de liquiditeitsprognose, de beheerscontrole en de evolutie van de budgetten;
3° de financiële risico's.
Er wordt geopteerd om deze rapportering dit halfjaarlijks te doen. De rapportering die nu voorligt heeft betrekking op het tweede semester van 2025.
Enig artikel - De gemeenteraad neemt kennis van de bijgevoegde rapportering van de financieel directeur over het tweede semester van 2025. De bijlage maakt integraal deel uit van dit besluit.
De gemeenteraad neemt kennis van de bijgevoegde rapportering van de financieel directeur.
Het subsidiereglement wordt bij goedkeuring van dit besluit opgeheven.
Het decreet lokaal bestuur, artikel 40
Het gemeenteraadsbesluit van 23 december 2009 van Herne houdende aanmoedigingspremies voor het onderhouden van knotwilgen
De subsidie voor het onderhoud van knotbomen werd niet meer voorzien in het meerjarenprogramma 2026-2031.
Het aantal aanvragen voor de tussenkomst blijkt zeer gering: in 2024 werden slechts 3 aanvragen ingediend, in 2025 slechts één aanvraag zodat de administratieve belasting de intentie tot ondersteuning overtreft.
Eigenaars van knotbomen kunnen bovendien als alternatief voor deze subsidie een beroep doen op de gratis knotteams van het Regionaal Landschap Pajottenland en Zennevallei, wat deze samenwerking extra kan ondersteunen.
Enig artikel - De gemeenteraad heft met ingang van 1 februari 2026 het gemeenteraadsbesluit van 23 december 2009 van de gemeente Herne op met betrekking tot het subsidiereglement 'Onderhoud van knotbomen'.
De gemeenteraad heft met ingang van 1 februari 2026 het gemeenteraadsbesluit van 23 december 2009 van de gemeente Herne op met betrekking tot het subsidiereglement 'Onderhoud van knotbomen'.
De gemeenteraad is bevoegd voor de goedkeuring van het retributiereglement afvalbeleid voor de fusiegemeente Pajottegem.
Ilva en Intradura werken voor de gemeente tegen kostprijs. Dat betekent dat alle kosten en opbrengsten rechtstreeks worden verrekend met de gemeente. Een deel van die kosten wordt gefinancierd via afvalretributies, betaald door de inwoners. Het resterende deel wordt door de gemeente gefinancierd.
Het retributiereglement was na 1 jaar aan een evaluatie toe.
Bovendien worden afvalmaatschappijen sinds kort geconfronteerd met verhoogde kosten gezien het doorrekenen van de milieuheffingen, wat een aanpassing van het reglement vraagt.
Het decreet lokaal bestuur, artikel 40 en 41, 14°
Artikel 173 van de Grondwet aangaande retributies ten behoeve van de gemeente
Artikel 40 §3 van het Decreet Lokaal Bestuur aangaande de bevoegdheid van de gemeenteraad inzake het vaststellen van gemeentelijke retributiereglementen
De wet van 29/7/1991betreffende de uitdrukkelijke motivering van bestuurshandelingen, en latere wijzigingen
Het bestuursdecreet van 7/12/2018
Het regiodecreet van 3/2/2023
Het decreet houdende algemene bepalingen inzake milieubeleid van 5/04/1995
Het decreet van 23/12/2011 betreffende het duurzaam beheer van materiaalkringlopen en afvalstoffen (Materialendecreet)
Het besluit van de Vlaamse regering van 1/06/1995 houdende de algemene en sectorale bepalingen inzake milieuhygiëne (Vlarem II)
Het Vlaams reglement betreffende het duurzaam beheer van materiaalkringlopen en afvalstoffen van 17/02/2012
Het besluit van de Vlaamse Regering van 20/7/2018 inzake actieplan asbestafbouw
Het Lokaal Materialenplan of uitvoeringsplan huishoudelijk afval en gelijkaardig bedrijfsafval 2023-2030
Het gemeenteraadsbesluit van Galmaarden van 25 mei 2010 houdende toetreding tot de intercommunale ILvA en goedkeuring van de statuten
Het gemeenteraadsbesluit van Gooik van 28 februari 2017 houdende de beslissing over het definitieve voorstel van 11 januari 2017 van het overlegorgaan houdende de intergemeentelijke samenwerking voor afvalbeheer middels een opdrachthoudende vereniging (Intradura)
Het gemeenteraadsbesluit van Herne van 22 februari 2017 houdende de beslissing over het definitieve voorstel van 11 januari 2017 van het overlegorgaan houdende de intergemeentelijke samenwerking voor afvalbeheer middels een opdrachthoudende vereniging (Intradura)
Het gemeenteraadsbesluit van Galmaarden van 22 oktober 2024: Goedkeuring van het retributiereglement inzake het afvalbeleid voor de gemeente Pajottegem met ingang van 1 januari 2025
Het gemeenteraadsbesluit van Gooik van 22 oktober 2024: Retributiereglement inzake de afvalinzamelingen met ingang van 1 januari 2025
Het gemeenteraadsbesluit van Herne van 23 oktober 2024: Goedkeuring van het retributiereglement inzake het afvalbeleid voor de gemeente Pajottegem met ingang van 1 januari 2025
Het gemeenteraadsbesluit van Pajottegem van 28 januari 2025: Goedkeuring van het retributiereglement voor de verkoop van biozakjes voor de GFT-afvalinzameling
De opbrengsten van de retributies afval zijn voorzien in het meerjarenplan 2026-2031 onder jaarbudgetrekening GBB/0309-01/7000033 (recyclageparken), GBB/0300-00/7000030 (ondergrondse afvalstraten) en GBB/0020-00/7332200 (diftar ILvA) en zijn noodzakelijk voor het behoud van een gezonde financiële toestand van de gemeente.
Vanaf 1 januari 2025 vormen Galmaarden, Gooik en Herne samen de fusiegemeente Pajottegem.
Uit een interne evaluatie is gebleken dat:
Op 7 januari 2026 ontving het gemeentebestuur een schrijven van ILvA om het retributiereglement afval te agenderen op de gemeenteraad en een aantal wijzigingen door te voeren zoals de gestegen milieuheffing voor het storten en verbranden van afvalstoffen:
De wijziging aan het retributiereglement impliceert dat de gestegen milieuheffing voor het storten en verbranden van afvalstoffen in rekening wordt gebracht bij het indexactiemechanisme zoals dat sinds begin dit jaar door de steden en gemeenten is ingevoerd. Zo’n aanpassing leidt dan niet tot een onmiddellijke stijging van de retributie per kilogram, maar zorgt er wel voor dat het veelvoud van € 0,05 eerder bereikt zal worden, en een retributieverhoging voor de kost per kilogram aangeboden grofvuil en restfractie dus sneller doorgang vinden. Het indexmechanisme blijft voor de aanbiedkost van deze fractie onveranderd. De gestegen milieuheffing wordt ook niet verrekend bij aanbieding van GFT of bezoek aan het recyclagepark.
Artikel 1 - De gemeenteraad keurt onderstaand retributiereglement omtrent afvalinzamelingen met ingang van 1 februari 2026 goed:
RETRIBUTIEREGLEMENT AFVALINZAMELINGEN
ARTIKEL 1: ALGEMEEN
Een retributie wordt geheven op de inzameling van afvalstoffen waarbij het lokaal bestuur, het intergemeentelijke samenwerkingsverband Intradura gemachtigd is de retributie voor het lokaal bestuur te innen of door ILvA te laten innen.
ARTIKEL 2: DEFINITIE
De retributie is verschuldigd door de aanbieder van het afval.
Onder de aanbieder van het afval wordt verstaan:
ARTIKEL 3: RETRIBUTIE
Er wordt een retributie geheven op het beschikbaar stellen van recipiënten bestemd voor het ophalen van huishoudelijk afval, op de verkoop van compostvaten en het inzamelen van huishoudelijk afval via ondergrondse containers, en voor het verlenen van een aantal dienstverleningen in het kader van afvalinzameling en - verwerking.
ARTIKEL 4: BEDRAG RETRIBUTIE
De retributie wordt als volgt samengesteld:
4.1. Voor de verkoop van zakken:
Blauwe PMD-zakken: per rol (20 stuks):
Composteerbare biozakjes (inhoud 8 liter) voor de inzameling van GFT-afval in de GFT-containers:
4.2. Aanbieden van de restfractie en GFT-afval.
4.2.1. Voor het aanbieden van restfractie enerzijds een forfaitaire kost van € 0,30 per aanbieding van een container van 40 liter of 140 liter, € 0,60 per aanbieding van een container van 240 liter, € 1,20 per aanbieding van een container van 500 liter, € 1,75 per aanbieding van een container van 750 liter en € 2,35 per aanbieding van een container van 1050 liter, en anderzijds een variabele kost van € 0,30 per aangeboden kilogram restfractie. De te betalen retributie wordt voor elk aanbieding bepaald aan de hand van twee wegingen van de aangeboden afvalcontainer, een eerste maal voor de lediging ervan, een tweede maal na de lediging ervan. Het verschil tussen de tweede en de eerste weging is de grondslag van de retributie.
4.2.2. Voor het aanbieden van GFT-afval enerzijds een forfaitaire kost van € 0,30 per aanbieding van een container van 40 liter of 140 liter en anderzijds een variabele kost van € 0,15 per aangeboden kilogram GFT. De te betalen retributie wordt voor elk aanbieding bepaald aan de hand van twee wegingen van de aangeboden afvalcontainer, een eerste maal voor de lediging ervan, een tweede maal na de lediging ervan. Het verschil tussen de tweede en de eerste weging is de grondslag van de retributie.
4.2.3. Vanaf 1 januari 2026 worden de volgende tarieven uit artikel 4.2.1. en 4.2.2. op 1 januari van ieder jaar aangepast aan de stijging van de consumptieprijsindex:
Jaarlijks worden de volgende tarieven op 1 januari van ieder jaar aangepast aan de stijging van de consumptieprijsindex, vermeerderd met de door ILvA verschuldigde milieuheffing (per kilogram) voor het storten en verbranden van huishoudelijke afvalstoffen;
4.2.4. De in 4.2.3. genoemde aanpassing aan de stijging van de consumptieprijsindex geschiedt met veelvouden van € 0,05 waarbij afronding steeds naar het effectief bereikte veelvoud van € 0,05 gebeurt;
4.2.5. Voor de in 4.2.3. en 4.2.4. genoemde aanpassing worden jaarlijks de consumptieprijsindex van de maand oktober jongstleden vergeleken met deze van oktober 2024;
4.2.6. Het maximale gewicht van de inhoud van een aangeboden container bedraagt:
|
|
40 liter |
140 liter |
240 liter |
| GFT |
15 kilogram |
70 kilogram |
110 kilogram |
| Restfractie |
15 kilogram |
60 kilogram |
110 kilogram |
4.2.7. Restafvalcontainers van 500 l, 750l of 1050 l zijn niet beschikbaar voor gezinnen.
4.3. Sloten
Voor de aankoop van een containerslot met twee sleutels voor een restfractiecontainer: € 35,00.
4.4. Het ophalen van grofvuil, snoeiafval en tuinafval aan huis:
4.4.1. Voor grofvuil:
4.4.2. Voor snoeiafval en tuinafval:
4.4.3. Vanaf 1 januari 2026 worden de retributies vermeld in 4.4.1. op 1 januari van ieder jaar aangepast aan de stijging van de consumptieprijsindex, vermeerderd met de door ILvA verschuldigde milieuheffing (per kilogram) voor het storten en verbranden van huishoudelijke afvalstoffen. Voor aanpassing wordt de consumptieprijsindex van de maand oktober jongstleden vergeleken met deze van oktober 2024. De aanpassing aan de stijging van de consumptieprijsindex geschiedt met veelvouden van € 0,50 waarbij afronding steeds naar het effectief bereikte veelvoud van € 0,50 gebeurt.
4.4.4. Vanaf 1 januari 2026 worden de retributies vermeld in 4.4.2. op 1 januari van ieder jaar aangepast aan de stijging van de consumptieprijsindex. Voor aanpassing wordt de consumptieprijsindex van de maand oktober jongstleden vergeleken met deze van oktober 2024. De aanpassing aan de stijging van de consumptieprijsindex geschiedt met veelvouden van € 0,20 waarbij afronding steeds naar het effectief bereikte veelvoud van € 0,20 gebeurt.
Snoei-/tuinafval moet als volgt worden aangeboden:
4.5. Evenementen van erkende verenigingen
Erkende verenigingen kunnen naar aanleiding van een evenement recipiënten voor de afvalinzameling aanvragen. Hiervoor wordt een leverkost aangerekend, afhankelijk van het volume, alsook een verwerkingskost per kilogram ingezameld afval, afhankelijk van de fractie. Indien onvoldoende goed werd gesorteerd, wordt in elk geval de verwerkingskost van restfractie aangerekend. Verlies of schade van ontleende materialen wordt op de ontlener verhaald.
| Product |
|
Volume |
Leverkost |
Verwerkingskost per kg |
| Restcontainer |
|
240 liter |
€ 5,00 |
€ 0,30 |
|
|
|
500 liter |
€ 10,00 |
€ 0,30 |
|
|
|
1050 liter |
€ 20,00 |
€ 0,30 |
| Afvaleiland |
Rest en PMD |
480 liter |
€ 5,00 |
€ 0,30 voor de restfractie |
| Glas |
|
240 liter |
€ 5,00 |
- |
| PMD |
|
240 liter |
€ 5,00 |
- |
| Papier & Karton |
|
240 liter |
€ 5,00 |
- |
|
|
|
500 liter |
€10,00 |
- |
Jaarlijks wordt de in 4.5. vermelde verwerkingskost per kg op 1 januari van ieder jaar aangepast aan de stijging van de consumptieprijsindex. Voor de restfractie wordt deze tevens vermeerderd met de door ILvA verschuldigde milieuheffing (per kilogram) voor het storten en verbranden van huishoudelijke afvalstoffen. Voor aanpassing wordt de consumptieprijsindex van de maand oktober jongstleden vergeleken met deze van oktober 2024. De aanpassing aan de levensduurte geschiedt met veelvouden van € 0,05 waarbij afronding steeds naar het effectief bereikte veelvoud van € 0,05 gebeurt.
4.6. Composteren
4.6.1. Voor de aankoop van een compostvat met beluchtingsstok: € 20,00
4.6.2. Voor de aankoop van een compostbak: €70,00
4.6.3. Voor de aankoop van een beluchtingsstok: € 5,00
4.7. Asbest
Tot de OVAM-subsidieperiode die loopt tot en met 31 maart 2026 (en wordt waarschijnlijk verlengd), verleent Intradura aan de inwoners volgende diensten:
Er kunnen jaarlijks maximum 6 plaat- of kuubzakken (of een combinatie van zakken beperkt tot 6 stuks) of 1 container per adres aangekocht worden. Hierbij zijn 2 veiligheidskits, begeleiding van een asbestcoach en de ophaling van de recipiënten aan huis inbegrepen.
Grotere hoeveelheden kunnen toegestaan worden na bezoek van de asbestcoach ter plaatse.
De kostprijs voor deze dienstverlening is voor de inwoner als volgt:
4.8. Inzameling op wijkniveau
4.8.1. Ondergrondse containers
Ondergrondse containers worden georganiseerd in zogenaamde afvalstraten. Elke afvalstraat bestaat uit 3 containers:
De kostprijs voor het gebruik van de restafvalcontainer bedraagt € 2,50/aanbieding. In de schuif van deze container kan maximaal één zak van 60 liter per keer gedeponeerd worden aan deze kostprijs.
Om gebruik te maken van de ondergrondse afvalcontainers dient een inwoner van de gemeente een kopie van de identiteitskaart (beide zijden) te mailen naar secretariaat@intradura.be. De inwoner ontvangt een gepersonaliseerde brief met uitnodiging om een bedrag van bij voorkeur 25 euro te storten als provisie voor het gebruik van de ondergrondse containers. Dit bedrag wordt gekoppeld aan de identiteitskaart van de aanvrager.
4.8.2. Inzameling van glazen flessen en bokalen
Het lokaal bestuur voorziet gespreid op het openbaar domein glasbollen. Het deponeren van glazen flessen en bokalen in de glasbollen is gratis.
4.9. Andere dienstverlening in het kader van afvalinzameling en verwerking
4.9.1. Voor het ruilen van een gratis ter beschikking gestelde GFT-container of restfractie-container voor een ander volume GFT-container of restfractiecontainer:
4.9.2. Voor de aankoop van maximaal één bijkomende container per leveringsadres en per fractie:
| 40 en 140 liter |
€ 40 |
| 240 liter |
€ 60 |
4.10. De recyclageparken
4.10.1. De gemeentelijke recyclageparken zijn uitsluitend toegankelijk voor inwoners van de gemeente alsook voor eigenaars van tweede verblijven, erkende gemeentelijke verenigingen, éénmans- en kleinhandelszaken en KMO’s die op het grondgebied van de gemeente hun zetel hebben.
4.10.2. Op de recyclageparken worden 3 tarieven toegepast:
| Fracties recyclagepark |
retributie |
| PMD |
gratis |
| papier & karton |
gratis |
| glazen flessen & bokalen |
gratis |
| vlak glas |
gratis |
| KGA |
gratis |
| frituurolie |
gratis |
| motorolie |
gratis |
| afgedankte elektr. apparatuur( AEEA) |
gratis |
| EPS/piepschuim |
gratis |
| autobanden |
gratis |
| textiel |
gratis |
| oude metalen |
gratis |
| kurk |
gratis |
| plastieken dopjes |
gratis |
| batterijtjes |
gratis |
| matrassen |
gratis |
| houtachtig groenafval |
0,16 €/kg |
| gras |
0,16 €/kg |
| hout |
0,16 €/kg |
| bouw- & sloopafval |
0,16 €/kg |
| harde plastic |
0,16 €/kg |
| gebonden asbest* |
0,30 €/kg |
| grof huisvuil |
0,30 €/kg |
* 200 kg gratis/jaar/gezin
4.10.3. De berekening van het tarief op het recyclagepark gebeurt via de weegbrug die een nauwkeurigheid van 5 kg heeft.
4.10.4. Voor de aanbreng van asbestcementplaten geldt een vrijstelling van de retributie voor de eerste 200,- kg per gezin aangebracht indien dit volledig afzonderlijk wordt aangeboden. Het is verplicht om het hechtgebonden asbest verpakt aan te leveren in doorzichtige plasticfolie of plasticzak. Niet-hechtgebonden asbest wordt niet aanvaard.
4.10.5. Indien ongesorteerd afval of gemengd afval aangeboden wordt, geldt het duurste tarief.
4.10.6. Het recyclagepark is uitsluitend bedoeld voor de opvang van het huishoudelijk afval. Bedrijven, dienstverlenende instanties en zelfstandigen dienen hun afval door een gespecialiseerd bedrijf te laten verwijderen. Afvalstoffen van ambachtelijke of handelsoorsprong mogen in het gemeentelijk recyclagepark aanvaard worden, als deze naar hun aard, omvang en hoeveelheid vergelijkbaar zijn met huishoudelijke afvalstoffen. Bedrijven en erkende verenigingen kunnen voor de toegang op het recyclagepark een “toegangskaart recyclagepark” aanvragen. Deze kaart kost € 40. De omzetting van bestaande naar nieuwe kaarten gebeurt gratis.
4.10.7. De verschuldigde retributie op het recyclagepark is elektronisch betaalbaar.
4.10.8. Indien na het bepalen van het brutogewicht de bezoeker het nalaat om het tarragewicht te laten bepalen (dus het nettogewicht niet bepaald wordt, noch betaald wordt) kan een forfaitaire boete aangerekend worden van 200,- euro.
ARTIKEL 5: VERSCHULDIGDHEID RETRIBUTIE
De volgende retributies zijn verschuldigd bij:
De andere retributies vermeld in dit reglement zijn verschuldigd meteen na uitvoering van de bijhorende dienstverlening.
ARTIKEL 6: PROVISIEREKENING VOOR RESTAFVAL, SNOEIAFVAL EN GFT
§1 De bepalingen in artikel 5 van dit retributiereglement kunnen enkel betaald worden door middel van een ter beschikking gestelde provisierekening, met uitzondering van de aankoop van blauwe PMD-zakken, de aankoop van biozakjes, de aankoop van compostvaten, compostbakken en de beluchtingsstokken en de retributies die geïnd worden op de recyclageparken.
§2 De provisierekening kan steeds op het eigen initiatief van de hieraan gekoppelde referentiepersoon worden aangezuiverd via overschrijving van een saldo op de provisierekening. De eerste betalingsuitnodiging voor de provisierekening bedraagt € 35,00.
§3. Wanneer het resterende saldo op de provisierekening van de referentiepersoon de eerste limiet van € 12,50 bereikt - d.w.z. wanneer het saldo gelijk aan of kleiner dan € 12,50 wordt - zal aan de referentiepersoon een eerste betalingsuitnodiging worden gezonden. Dit laat de gebruiker toe tijdig de nodige betalingen te laten uitvoeren, opdat de dienstverlening niet in het gedrang zou komen.
§4. Wanneer het resterende saldo op de provisierekening van de referentiepersoon geen krediet meer bevat - d.w.z. wanneer het saldo kleiner wordt dan € 0,00 – zal vervolgens de referentiepersoon een betalingsuitnodiging worden toegezonden, met een betaaltermijn van 14 dagen. Het aanbieden van de restfractie en GFT-afval blijft mogelijk tot verstrijken van de betaaltermijn. De referentiepersoon en het eventueel daaraan gekoppelde gezin, vereniging, tweede verblijf of bedrijf zal van zodra het resterende saldo op de provisierekening van de referentiepersoon geen krediet meer bevat, d.w.z. als het saldo kleiner is dan € 0,00, echter geen gebruik meer kunnen maken van de andere dienstverlening zoals beschreven in dit retributiereglement tot wanneer het saldo op de provisierekening opnieuw € 0,00 of meer bedraagt.
§5. Als de referentiepersoon na verzending van ten minste één kosteloze herinnering nalaat het provisiekrediet aan te zuiveren, zal een aangetekende aanmaning aan de betreffende referentiepersoon worden toegezonden. In deze aangetekende aanmaning worden de volgende bijkomende kosten verrekend:
1. Administratieve kost: € 7,5;
2. Portkosten;
§6. De financieel directeur kan hierna, overeenkomstig artikel 177 van het decreet over het lokaal bestuur, een dwangbevel uitvaardigen, geviseerd en uitvoerbaar verklaard door het college van burgemeester en schepenen om de retributie in te vorderen.
§7. Bij afmelding van een referentiepersoon of bij vaststellen van een overlijden van een referentiepersoon wordt de dienstverlening stopgezet. Het nog beschikbare krediet wordt ten vroegste zes weken na stopzetten van de dienstverlening teruggestort op het rekeningnummer dat laatst werd gebruikt voor het storten van krediet op de provisierekening.
Artikel 2 - De gemeenteraad heft met ingang van 1 februari 2026 onderstaande gemeenteraadsbesluiten op:
De gemeenteraad keurt het retributiereglement omtrent afvalbeleid goed.
VK_2025.24
Het college van burgemeester en schepenen heeft de aanvraag ingediend door de heer Dries Leyman met als contactadres Steenweg Asse 122 bus A te 1540 Herne en de heer Pieter Leyman met als contactadres Steenweg Asse 122A te 1540 Pajottegem, ontvangen.
De aanvraag werd ontvangen op 28 oktober 2025.
De aanvraag werd ontvankelijk en volledig verklaard op 17 november 2025.
De aanvraag heeft betrekking op een terrein met als adres Steenweg Asse 169 en met als kadastrale omschrijving afdeling 9 sectie B nrs. 182X en 182Y/deel.
Het betreft een aanvraag tot het verkavelen van gronden, kort omschreven gaat het over het verkavelen van percelen in twee loten voor halfopen bebouwing.
Het decreet over het lokaal bestuur, artikel 40
Het decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning (Omgevingsdecreet)
Het besluit van de Vlaamse Regering van 27 november 2015 tot uitvoering van het decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning (Omgevingsbesluit)
De Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening van 15 mei 2009
Het decreet van 3 mei 2019 houdende de gemeentewegen
Het college van burgemeester en schepenen heeft deze aanvraag onderzocht, rekening houdend met de terzake geldende wettelijke bepalingen, in het bijzonder met het decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning, het decreet houdende algemene bepalingen inzake milieubeleid, de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening en hun uitvoeringsbesluiten.
Bevoegde overheid
Het college van burgemeester en schepenen is bevoegd voor de behandeling van de aanvraag aangezien:
de aanvraag geen Vlaams of provinciaal project betreft en evenmin betrekking heeft op een ingedeelde inrichting of activiteit van de eerste klasse.
de aanvraag geen project betreft dat gelegen is op het grondgebied van twee of meer provincies of twee of meer gemeenten.
Procedure
De aanvragen die de vereenvoudigde procedure doorlopen, zijn limitatief opgesomd in de artikelen 11 tot en met 14 van het besluit van de Vlaamse Regering van 27 november 2015 tot uitvoering van het decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning. Het project komt niet in deze artikelen voor. Bijgevolg wordt de gewone procedure gevolgd. Dit houdt in dat er een openbaar onderzoek georganiseerd wordt.
Ligging volgens de plannen van aanleg en bijhorende voorschriften
Het goed is gelegen in het gewestplan Halle-Vilvoorde-Asse, vastgesteld bij KB van 7 maart 1977 en is gelegen binnen de zone woongebied met landelijk karakter.
Voorschriften:
De woongebieden met een landelijk karakter zijn bestemd voor woningbouw in het algemeen en tevens voor landbouwbedrijven.
De woongebieden zijn bestemd voor wonen, alsmede voor handel, dienstverlening, ambacht en kleinbedrijf voor zover deze taken van bedrijf om redenen van goede ruimtelijke ordening niet in een daartoe aangewezen gebied moeten worden afgezonderd, voor groene ruimten, voor sociaal-culturele inrichtingen, voor openbare nutsvoorzieningen, voor toeristische voorzieningen, voor agrarische bedrijven. Deze bedrijven, voorzieningen en inrichtingen mogen echter maar worden toegestaan voor zover ze verenigbaar zijn met de onmiddellijke omgeving.
Het goed is gelegen binnen de grenzen van een goedgekeurd ruimtelijk uitvoeringsplan Bebouwde Ruimte, goedgekeurd op 27 september 2023.
Het goed is niet gelegen binnen de grenzen van een goedgekeurd bijzonder plan van aanleg.
Het goed is niet gelegen binnen de grenzen van een niet-vervallen verkaveling.
Historiek
Volgende historisch gekoppelde dossiers zijn relevant:
Beschrijving van de plaats
Door de reeds bestaande bebouwing en de reeds aanwezige infrastructuur is de ordening van het gebied gekend.
De locatie van de aangevraagde verkaveling is gelegen op de hoek van de Tweekapellenstraat en de Steenweg Asse. Respectievelijk een gemeenteweg en gewestweg. In de ruime omgeving vinden we hoofdzakelijk open en halfopen bebouwingen voor wonen en panden voor niet-residentiele toepassingen. Het is een deel van deze kern met een matig voorzieningenniveau in een straal van 1200 meter: winkels (bakker, beenhouwer,..), onderwijs (kinderopvang, kleuters, lagere school), horeca (café, restaurant) en in de ruimere omgeving (5000m) van winkels (kruidenier, supermarkt, bank, ziekenfonds, apotheek, dokter, kinesist, …) en ontspanningsmogelijkheden (sport, cultuur,…).
Er bevindt zich een bushalte op 40m van de verkaveling en op 9.5km het treinstation van Herne.
De Tweekapellenstraat heeft een één rijweg en plaatselijk een voetpad, maar geen fietspad.
De Steenweg Asse heeft plaatselijk een voetpad, een fietspad, parkeerstrook en dubbele rijweg.
Beschrijving van de aangevraagde stedenbouwkundige handelingen
Het project voorziet het creëren van twee kavels bestemd voor open bebouwing.
Openbaar onderzoek/raadpleging aanpalende eigenaar
Het openbaar onderzoek werd gehouden van 27 november 2025 tot en met 26 december 2025.
Adviezen
Aan de nutsmaatschappijen Fluvius, Proximus, De Watergroep en Wyre en het Agentschap Wegen en Verkeer is advies gevraagd op 17 november 2025.
Rooilijn en reservatiestrook
De Steenweg Asse heeft een bij KB 17 maart 1950 goedgekeurd rooilijnplan.
Bij het aanvraagdossier werd een rooilijnplan gevoegd dat, bij nazicht, niet correct blijkt te zijn. De bij KB vastgestelde rooilijn van de gewestweg wordt ook toegepast op de gemeenteweg want niet correct is.
De Tweekapellenstraat (buurtweg nr. 15) heeft volgens de atlas der buurtwegen ter hoogte van de linker perceelgrens een breedte van 6,3 m en ter hoogte van het kruispunt met de Steenweg Asse een breedte van 9,1 m. Voor het verwezenlijken van de toekomstige wegeniszate is het aangewezen minstens binnen de grenzen van het goed een rooilijn van 5 m uit de as van de weg vast te stellen, en dit in het geval de aanvraag voor vergunning in aanmerking komt.
Enig artikel - De gemeenteraad stelt de rooilijn van de Tweekapellenstraat zn (buurtweg nr. 15) binnen de grenzen van het goed, gelegen Steenweg Asse zn - Tweekapellenstraat zn met als kadastrale omschrijving afdeling 9 sectie B nrs. 182X en 182Y/deel, een rooilijn van 5 m uit de as van de weg, vast en dit onder voorbehoud van het verkrijgen van de nodige omgevingsvergunning.
De gemeenteraad stelt de rooilijn van de Tweekapellenstraat zn (buurtweg nr. 15) binnen de grenzen van het goed, gelegen Steenweg Asse zn - Tweekapellenstraat zn met als kadastrale omschrijving afdeling 9 sectie B nrs. 182X en 182Y/deel, een rooilijn van 5 m uit de as van de weg, vast en dit onder voorbehoud van het verkrijgen van de nodige omgevingsvergunning.
TOL_BW_3
Het college heeft op 3 september 2025 per e-mail de vraag ontvangen vanwege de eigenaar van de woning Plaatsstraat 2 om de gemeentelijke rooilijn ter hoogte van zijn woning op te heffen.
De vraag tot opheffing is gemotiveerd op basis van volgende elementen:
Bij de aanvraag tot opheffen van de gemeentelijk rooilijn zijn drie bijlagen toegevoegd:
Het decreet over het lokaal bestuur, artikel 40
De Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening van 15 mei 2009
Het decreet van 8 mei 2009 houdende vaststelling en realisatie van de gewestelijke rooilijnen
Het decreet van 3 mei 2019 houdende de gemeentewegen
Historiek
Op 3 november 2023 is door de gemeente Galmaarden vastgoedinformatie afgegeven waarin vermeld wordt dat er voor de weg een rooilijnplan is goedgekeurd bij KB op 2 oktober 1952.
Op 2 juli 2024 vraagt notaris Frederik Rens aan de gemeente om een kopie van het rooilijnplan. Een uittreksel van het rooilijnplan ter hoogte van de Plaatsstraat 2 wordt via e-mail bezorgt aan notaris Rens op 5 juli 2024.
Op 30 juli 2024 stelt het notariaat Muyshondt de vraag of het niet-goedgekeurd plan van het agentschap Wegen en Verkeer het gemeentelijk rooilijnplan vervangt. Aan de notaris Muyshondt is op 6 augustus 2024 medegedeeld dat het bij KB goedgekeurde rooilijnplan rechtsgeldig is. Dit is nogmaals bevestigd op 27 augustus 2024 waarbij tevens de regelgeving en consequenties uit de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening is meegegeven.
Op 30 oktober 2024 heeft architect dmma via e-mail een beschrijving van het project overgemaakt met de vraag naar de mogelijkheden.
Op 31 oktober 2024 is via e-mail onder meer aan de architect dmma medegedeeld dat het hoofdgebouw getroffen is door de rooilijn.
De eigenaar heeft op 12 juli 2025 een omgevingsvergunning aangevraagd voor het verbouwen van de woning om op 10 september 2025 de aanvraag ingetrokken.
Rooilijnplan
De rooilijn van de buurtweg nr. 3, deel Plaatsstraat vanaf de kerk Tollembeek tot aan de Statiestraat is goedgekeurd bij KB op 2 oktober 1952. Volgens dit rooilijnplan zijn de gebouwen Plaatsstraat 2, 4, 6, 8, 12A, 14, 14A en 14B getroffen door de rooilijn.
Deze weg maakt thans deel uit van de gewestweg N 272, in beheer van het agentschap Wegen en Verkeer (AWV).
De wegbeheerder AWV heeft een rooilijnplan 1M3D8F B 008363 00, opgemaakt, doch dit ontwerpplan is niet goedgekeurd bij KB of MB. Volgens dit plan valt de rooilijn samen met de grens openbaar domein ter hoogte van de bestaande voorgevellijn. De zone van achteruitbouw bedraagt 0 meter.
Motivering
De Plaatsstraat tussen de Plaats en de Statiestraat heeft een smal wegbeeld. Ter hoogte van de woning Plaatsstraat 2 is het openbaar domein tussen de gevels tussen 9,72 m en 9,78 m breed. De rijweg in asfalt is 5,5 m breed. Op de rijbaan zijn er geen parkeerplaatsen voorzien.
Voor het doorgaand verkeer op de gewestweg is de rijbaan vrij smal. Het rooilijnplan voorziet 13 m tussen de rooilijnen, gemeten vanaf de gevel Plaatsstraat 1, aan de overzijde van de straat.
Voor het gebouw Plaats 12 is een stedenbouwkundige vergunning afgegeven in 2002. Dit gebouw is opgericht conform het rooilijnplan van de buurtweg nr. 3. Deze opstelling garandeert een voldoende breed voetpad en groenaanleg.
Om de mogelijkheid te vrijwaren om de rijweg te verbreden als toegang van de Plaats met een veilige doorgang voor het gemotoriseerd verkeer alsook het niet-gemotoriseerd verkeer is het niet opportuun de bij KB vastgestelde rooilijn af te schaffen. Bij verbouwingswerken aan de getroffen woningen zal blijvend rekening moeten worden gehouden met het gemeentelijk rooilijnplan.
Enig artikel – De gemeenteraad beslist om de gevraagde opheffing van het bij KB op 2 oktober 1952 goedgekeurde rooilijnplan van buurtweg nr. 3 tussen de Plaats en de Statiestraat niet goed te keuren.
De gemeenteraad willigt de gevraagde afschaffing van het bij KB op 2 oktober 1952 goedgekeurde rooilijnplan van buurtweg nr. 3 tussen de Plaats en de Statiestraat niet in.
Het gemeentebestuur wenst de ambulante handel mogelijk te maken tegen een billijke vergoeding omwille van de administratieve en logistieke taken die aan een aanvraag gekoppeld zijn.
Het is bovendien billijk dat handelaars die op het openbaar domein in een concurrentiepositie treden met gevestigde handelaars een bijdrage betalen voor het verzekeren van een standplaats.
De ambulanten handelaars/marktkramers die deelnemen aan de vaste openbare markten of erkende jaarmarkten en aan de kermissen van Pajottegem zijn vrijgesteld van deze retributie.
De gecoördineerde Grondwet van 17 februari 1994, artikel 41, 162 en 173
Het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017, artikel 40, §3, en 41, tweede lid, 14°
Het decreet van 4 maart 2016 betreffende de wijziging van artikelen 10 en 17 van de wet van 25 juni 1993 betreffende de uitoefening en de organisatie van ambulante en kermisactiviteiten
Het KB van 24 september 2006 betreffende de uitoefening en de organisatie van ambulante activiteiten
De ontvangsten van deze retributie zijn voorzien in het meerjarenplan 2026-2031.
Het innemen van een gedeelte van het openbaar domein voor de uitoefening van ambulante handel kan tegen een billijke vergoeding gebeuren. Er is een retributie verschuldigd voor het tijdelijk privaat en commercieel gebruik van de openbare ruimte, voor staanplaatsen op of meteen grenzend aan het openbaar domein.
Het is gerechtvaardigd een billijke financiële tussenkomst te vragen van alle belanghebbenden op het grondgebied van de gemeente, gelet op de financiële toestand van de gemeente en de wettelijke verplichting om een financieel evenwicht te handhaven.
Artikel 1 - De gemeenteraad keurt het retributiereglement op ambulante handel met uitzondering van openbare markten en kermissen als volgt goed:
RETRIBUTIEREGLEMENT OP AMBULANTE HANDEL
ARTIKEL 1. PERIODE
Met ingang van 1 januari 2026 tot en met 31 december 2031 wordt door de gemeente Pajottegem een retributie vastgesteld op ambulante activiteiten buiten de vaste openbare markten en kermissen in de gemeente Pajottegem.
De retributie wordt geheven op alle handelaars die in de gemeente Pajottegem een commerciële activiteit uitvoeren op een andere plaats dan hun adres gekend bij de Kruispuntbank van Ondernemingen en dit zoals bepaald in de desbetreffende wet op de uitoefening van ambulante activiteiten en de daarbij horende uitvoeringsbesluiten.
Dit geldt voor het tijdelijk privaat en commercieel gebruik van de openbare ruimte, voor staanplaatsen op of meteen grenzend aan het openbaar domein.
ARTIKEL 2. DEFINITIES
Ambulante handel: elke verkoop, te koop aanbieding of uitstalling met het oog op de verkoop aan de consument van producten en bijkomstig van diensten die op deze producten betrekking hebben op openbaar domein of op privaat domein meteen grenzend aan het openbaar domein, door een handelaar buiten de vestigingen vermeld in de Kruispuntbank van Ondernemingen of door een persoon die niet over een dergelijke vestiging beschikt.
Openbaar domein: de goederen die tot het openbaar domein behoren in de meest ruime betekenis en die voor iedereen toegankelijk zijn ongeacht wie de eigenaar is van het goed.
Privaat domein: alle overige goederen, andere dan deze die tot het openbaar domein behoren.
Commerciële parkings: private parkings en parkings van winkelcentra en/of industriegebieden.
ARTIKEL 3. RETRIBUTIEPLICHTIGE
De retributie is verschuldigd door alle ambulante handelaren die op het grondgebied van de gemeente Pajottegem koopwaar aanbieden of diensten verlenen, zoals hiervoor omschreven onder de definitie ambulante handel.
ARTIKEL 4. TARIEVEN
De retributie (eventuele kosten voor elektriciteit inbegrepen) bedraagt twintig euro (€20,00) per dag. Een gedeelte van een dag wordt beschouwd als een volledige dag.
De retributie ten laste van eenzelfde retributieplichtige voor eenzelfde ruimtelijke inname (herhalend karakter) bedraagt maandelijks maximaal 200 euro.
ARTIKEL 5. VRIJSTELLING
Zijn vrijgesteld van deze belasting:
ambulante verkopen met menslievend of sociaal doel, ter verdediging van de natuur
ambulante activiteiten georganiseerd door de overheid
standplaatsen op kermissen en op de vaste openbare markten in Pajottegem
ambulante activiteiten georganiseerd door derden, voor zover de gemeente hen de organisatie heeft toevertrouwd door middel van een concessie.
erkende Pajottegemse verenigingen voor activiteiten zonder commercieel karakter
rondrijdende ambulante handelaars
ARTIKEL 6. BETALINGSWIJZE EN -TERMIJN
De retributie is verschuldigd na het verstrekken van de dienst en dit op basis van een door het gemeentebestuur toegezonden betalingsverzoek. De retributie dient betaald te worden via overschrijving op de bankrekening van de gemeente binnen de dertig dagen na toezending van het betalingsverzoek.
Bij gebrek aan betaling binnen deze termijn, zal het verschuldigde bedrag worden ingevorderd op basis van artikel 177 van het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur of via een procedure bij de burgerlijke rechtbank.
Artikel 2 - Dit reglement treedt in werking op 1 februari 2026.
De gemeenteraad keurt het retributiereglement op ambulante handel met uitzondering van openbare markten en kermissen goed.
De provincie besloot in tegenstelling tot voorgaande Meerjarenplanningen om geen samenwerkingsovereenkomst tussen de provincie, Kiemkracht vzw en de lokale besturen in het kader van een Dienst van Algemeen Economisch Belang (DAEB) voor de organisatie van de Intergemeentelijke Natuur- en Landschapsploegen (afgekort INL-ploegen) voor te stellen. De huidige loopt af op 31 december 2025.
Kiemkracht vzw stelt een nieuwe overeenkomst voor binnen dezelfde contouren van een Dienst van Algemeen Economisch Belang (DAEB) en regelt de duur, de rollen en de taakverdelingen, de uitvoering van acties en de financiële compensatieregeling, de communicatierichtlijnen en geschillenregeling. In Pajottegem is de continuïteit van 0,5 VTE voorzien. De overeenkomst loopt van 1 januari 2026 tot 31 december 2031.
Voorstel is om akkoord te gaan met de verdere samenwerking maar zonder tussenkomst van de provincie Vlaams-Brabant en de samenwerkingsovereenkomst goed te keuren.
Decreet lokaal bestuur van 22 december 2017, artikel 40
Protocol nr. 26 inzake diensten van algemeen belang, art. 14 en art. 106, lid 2 Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie (VWEU)
DAEB‑besluit van de Commissie op grond van art. 106, lid 2 VWEU; DAEB‑kaderregeling; DAEB‑gids van de Commissie.
De loonkosten verbonden aan de samenwerkingsovereenkomst voor 0,5 VTE worden voorzien bij de opmaak van het SMJP 2026-2031.
Indexatie
Het jaarlijkse contractbedrag wordt aangepast overeenkomstig de evolutie van de consumptieprijsindex van oktober van het jaar N-1. De aanpassing gebeurt op januari van jaar N volgens onderstaande formule
Nieuw contractbedrag jaar N = basis contractbedrag x (Index oktober (N-1) / Index oktober 2025)
Waarbij:
Basis contractbedrag = het overeengekomen contractbedrag op de startdatum = € 40.983; Index oktober (N-1)= de door Statbel gepubliceerde consumtieprijsindex van oktober van het jaar voorafgaand aan jaar N;
Index oktober 2025 = de consumptieprijsindex van oktober van het jaar waarin het contract initieel werd afgesloten.
De Intergemeentelijke Natuur- en Landschapsploegen (afgekort INL-ploegen) werden voorheen door de provincie gefaciliteerd en gecoördineerd. Lokale besturen konden participeren, met als doel enerzijds het lokale en provinciale biodiversiteit- en klimaatbeleid concreet op het terrein vorm te geven, anderzijds uitvoering te geven aan de beleidsdoelstelling om duurzame tewerkstelling te realiseren voor werkzoekenden met een grote afstand tot de arbeidsmarkt.
De provincie Vlaams-Brabant verlengt de overeenkomst niet terwijl de diensten van de INL-ploegen zeer gewaardeerd zijn. Sociaal kwetsbare doelgroepen worden ingeschakeld om via de INLploegen financieel onrendabel natuurwerk uit te voeren.
Kiemkracht vzw stelt een nieuwe overeenkomst voor, zonder tussenkomst van de provincie maar met dezelfde diensten. De voorgestelde overeenkomst loopt van 1 januari 2026 tot 31 december 2031.
Na het stopzetten van de inzet op INL uren in Gooik en Herne zijn er enkel nog vanuit de loods Tollembeek een aantal onderhoudsprojecten lopende. Het werk dat met deze INL uren wordt verzet wordt zeer geapprecieerd. In het meerjarenplan voor 2026 werd het budget voorzien voor het verderzetten van deze ondersteuning. De uitgevoerde werken betreffen allerhanden natuurgerelateerde projecten. Kiemkracht vzw staat garant voor een kwalitatieve aanpak door deskundige arbeiders met omkadering.
Door de inzet van sociaal kwetsbare doelgroepen wiens afstand tot de reguliere arbeidsmarkt ver is, wordt ook een belangrijk sociaal doel nagestreefd: het begeleiden van deze groep naar de reguliere arbeidsmarkt (opzet doelgroepwerking).
1 VTE komt overeen met 1.450 werkuren. De 0.5 VTE die wordt voorzien in de budgetten komt dus overeen met 725 werkuren.
Jaarlijks wordt een kwalitatief jaarprogramma opgesteld dewelke om de kwaliteit ervan gewaarborgd.
Door de samenwerkingsovereenkomst worden niet alleen arbeidsuren aangekocht, elke partner heeft een aantal bijkomende engagementen. Om de samenwerking optimaal te laten verlopen stelt Kiemkracht vzw projectmedewerkers aan, met als taken natuurontwikkeling, personeelswerk en coördinatie.
Elke ploeg wordt geleid door een terreinbegeleider. Verschillende ploegen in dezelfde regio worden ondersteund en gecoördineerd door een regiomanager.
Gedurende de uitvoering van de jaarprogramma’s zal de natuurontwikkelaar van Kiemkracht vzw het lokaal bestuur bijstaan in:
Artikel 1 - De gemeenteraad keurt de samenwerkingsovereenkomst tussen Kiemkracht vzw en de gemeente Pajottegem betreffende een dienst van algemeen economisch belang (DAEB) - de organisatie van de Intergemeentelijke Natuur- en Landschapsploegen (INL-ploegen) met 0,5 VTE, goed voor de periode van 1 januari 2026 tot 31 januari 2031.
Artikel 2 - De gemeente Pajottegem neemt deel aan de Intergemeentelijke Natuur- en Landschapsploegen 2026-2031 met 725 uren (0,5 VTE), met als kostprijs voor 2026 een bijdrage (excl. BTW) van 40.983 euro per VTE voor 2026 of 20.491,5 euro voor 0,5 VTE.
De samenwerkingsovereenkomst tussen Kiemkracht vzw en de gemeente Pajottegem betreffende een dienst van algemeen economisch belang (DAEB) - de organisatie van de Intergemeentelijke Natuur- en Landschapsploegen (INL-ploegen) met 0.5 VTE, wordt goedgekeurd. De samenwerkingsovereenkomst loopt van 1 januari 2026 tot 31 januari 2031.
Naar aanleiding van de fusie werd in december 2025 het retributiereglement van de gemeentelijke begraafplaatsen aangepast voor Pajottegem.
Er is echter een administratieve fout in het besluit geslopen, waardoor het moet worden aangepast.
Artikel 41, 162 en 173 van de gecoördineerde Grondwet van 17 februari 1994
Artikel 40, §3, en 41, tweede lid, 14°, van het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017
De wet van 20 juli 1971 op de begraafplaatsen en de lijkbezorging, artikel 15bis, §2, tweede lid, artikel 23bis en artikel 32
Het decreet van 16 januari 2004 op de begraafplaatsen en de lijkbezorging, met latere wijzigingen
Het besluit van de Vlaamse Regering van 14 mei 2004 tot organisatie, inrichting en beheer van begraafplaatsen en crematoria, gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 2 december 2005
De omzendbrief BB 2008/05 betreffende wijziging van het Decreet van 16 januari 2004 op de begraafplaatsen en de lijkbezorging, bij het Decreet van 18 april 2008
Het besluit van de gemeenteraad van Galmaarden op 26 november 2019 over de goedkeuring van het retributiereglement voor graf- en columbariumconcessies.
Het besluit van de gemeenteraad van Gooik op 27 januari 2009 over de goedkeuring van het retributiereglement op de begraafplaatsen.
Het besluit van de gemeenteraad van Herne op 21 december 2023 over de goedkeuring van het retributiereglement op de graf-, columbarium en asurnenveldconcessies op de gemeentelijke begraafplaatsen 2023.
Na goedkeuring van het retributiereglement op de gemeenteraad van 23 december 2025, werd een administratieve fout vastgesteld: er werden een aantal retributietarieven overgenomen uit verouderde reglementering:
De tarieven voor uitstrooiing van as en bijzetting van de asurne kunnen enkel van toepassing zijn voor niet-inwoners. Dit werd aangepast.
De retributie voor lijkopgravingen en openen van graf- en urnenkelders werd verwijderd aangezien de tussenkomst van het lokaal bestuur in deze procedure zeer beperkt is en omdat de aanvrager de lasten voor de ontgraving, uitgevoerd door een gespecialiseeerde firma, zelf draagt.
De aanpassingen kunnen in voege gaan vanaf 1 februari 2026.
Artikel 1- De gemeenteraad keurt het retributiereglement voor de gemeentelijke begraafplaatsen als volgt goed:
RETRIBUTIEREGLEMENT VOOR DE GEMEENTELIJKE BEGRAAFPLAATSEN
ARTIKEL 1. AANLEIDING EN DOEL
De gemeente Pajottegem heeft verschillende begraafplaatsen.
Dit reglement legt de retributietarieven vast voor het aangaan van grafconcessie, voor begraving, uitstrooiing van as en bijzetting van de asurne en voor lijkopgravingen en openen van graf- en urnenkelders met ingang van 1 februari 2026.
ARTIKEL 2. RETRIBUTIETARIEVEN
| Type concessies | Pajottegem |
| Begraving in volle grond
|
650 euro 975 euro |
| Begraven in een zelf aan te kopen grafkelder * enkel grond
|
650 euro 975 euro |
| Begraven perceel met grafkelder
|
950 euro |
| Columbarium
|
650 euro 975 euro |
| Urnenvelden
|
500 euro 750 euro |
| Urnenkelder
|
650 euro 975 euro |
| Uitstrooiing van as en bijzetting van de asurne (enkel voor niet-inwoners) |
|
| Uitstrooiing van gecremeerde stoffelijke overblijfselen van niet-inwoners op de daartoe voorziene uitstrooiingsweide |
100 euro |
ARTIKEL 3. Retributieplichtige
De retributie is verschuldigd door de persoon die de aanvraag doet.
ARTIKEL 4. Betalingswijze en -termijn
De retributie is verschuldigd na het verstrekken van de dienst en dit op basis van een door het gemeentebestuur toegezonden betalingsverzoek (factuur). De retributie dient betaald te worden via overschrijving op de bankrekening van de gemeente binnen de dertig dagen na toezending van het betalingsverzoek.
Bij gebrek aan betaling binnen deze termijn, zal het verschuldigde bedrag worden ingevorderd op basis van artikel 177 van het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur of via een procedure bij de burgerlijke rechtbank.
Artikel 2 - Volgend gemeenteraadsbesluit worden met ingang van 1 februari 2026 opgeheven:
De gemeenteraad keurt de aanpassing van het retributiereglement voor de gemeentelijke begraafplaatsen goed.
Het college van burgemeester en schepenen wenst de gemeenteraad te informeren over de intentie tot sluiting van de autonome kleuterschool Het Nestje (Leerbeek) en fusie voor GBS De Vlinder (Tollembeek).
Het decreet lokaal bestuur, artikel 40
Het decreet basisonderwijs van 25 februari 1997.
De omzendbrief BaO/97/10 Programmatie en Rationalisatie in het Gewoon Basisonderwijs.
Als bijlage vindt u de betreffende besluiten van het college van burgemeester en schepenen van 12 januari 2026.
Enig artikel - De gemeenteraad neemt kennis van de intentieverklaring van het college van burgemeester en schepenen tot de sluiting van GKS Het Nestje (Leerbeek) en tot fusie voor GBS De Vlinder (Tollembeek-Herhout)
De gemeenteraad neemt kennis van de intentieverklaring van het college om over te gaan tot de sluiting van de gemeentelijke basisschool Het Nestje, met ingang van 1 september 2026.
De gemeente Pajottegem wenst toekomstige ouders te helpen in hun zoektocht naar kinderopvang en sluit hiervoor een overeenkomst af met 'Cubicare bv'. Dit is een ICT-leverancier die een platform, nl 'opvang.vlaanderen', aanbiedt dat vraag en aanbod met betrekking tot kinderopvang registreert en samenbrengt.
Zowel gemeente Galmaarden, Gooik en Herne werkten reeds met dit platform binnen het lokaal loket. Voor de 3 gemeenten was het lokaal loket onderdeel van Huis van het Kind Pajottenland. Ook van de nieuwe interlokale vereniging 'Huis van het Kind Pajottenland' is het lokaal loket een onderdeel.
Het decreet lokaal bestuur, artikel 40
Het Besluit van de Vlaamse regering van 14 december 2018 houdende Subsidies Lokaal Loket Kinderopvang
Het Besluit van de Vlaamse regering van 24 mei 2013 houdende Lokaal beleid kinderopvang
Het besluit van het college van burgemeester en schepenen van Galmaarden van 14 juni 2023 houdende Opstart softwarepakket lokaal loket kinderopvang
Het besluit van het college van burgemeester en schepenen van Herne van 12 juni 2023 houdende Softwarepakket Opvang Vlaanderen - Lokaal loket kinderopvang
Het besluit van het college van burgemeester en schepenen van Gooik van 22 juni 2023 houdende Jaarlijkse licentie- en servicekost softwareprogramma Lokaal Loket Kinderopvang (LLK) - CBS Gooik 22/06/2023
Voor het opzetten van een Lokaal Loket Kinderopvang krijgt het lokaal bestuur een subsidie van Kind & Gezin.
Het platform wordt aangeboden tegen een vaste vergoeding per kalenderjaar, berekend a.d.h.v. het subsidiebedrag.
De dienst 'Opgroeien' stelt voor om de overeenkomst met Cubicare bv verder te zetten.
Cubicare bv maakte een aangepast voorstel van overeenkomst op.
De gemeenteraad volgt het advies van de dienst.
Enig artikel - De gemeenteraad keurt de modaliteiten van de samenwerkingsovereenkomst voor een digitaal platform loket kinderopvang met Cubicare bv goed om de dienstverlening voort te zetten.
De gemeenteraad keurt de samenwerkingsovereenkomst met Cubicare bv goed.
De verantwoordelijkheid van het behoud van het niet-beschermd waardevol erfgoed ligt bij het lokaal bestuur. Toetreding tot de IOED kan zorgen voor aanzienlijke financiële, inhoudelijke en thematische versterking in een streeksamenwerking rond archeologisch, bouwkundig en landschappelijk erfgoed.
De IOED ondersteunt de aangesloten steden en gemeenten in het behoud, beheer, gebruik en herbestemming van het erfgoed in zijn werkingsgebied en creëert een lokaal draagvlak. De IOED doet dit o.a. door het behandelen van vragen omtrent het onroerend erfgoed en het geven van (pre-)adviezen voor zowel de gemeenten, eigenaars, architecten, projectontwikkelaars, e.a. We ondersteunen de aangesloten gemeenten bij de opmaak en de uitvoering van kerkenbeleidsplannen, de inventarisatie en opmaak van beheersvisies voor o.a. begraafplaatsen en klein onroerend erfgoed zoals kapellen.
Alle steden en gemeenten zijn bevoegd voor het inventariseren van bouwkundig en landschappelijk erfgoed op hun grondgebied. Elk lokaal bestuur wordt aangemoedigd de inventaris van het bouwkundig erfgoed in haar regio aan te vullen en te herwerken. Een intergemeentelijke onroerenderfgoeddienst (IOED) kan de steden en gemeenten ondersteunen bij het inventariseren van hun bouwkundig en landschappelijk erfgoed. Vanaf 1 januari 2023 hebben alle steden en gemeenten zelf de mogelijkheid de inventaris van hun gemeente over te nemen en zelf in te voeren op de Inventaris van het Onroerend Erfgoed. Deze opdracht kan opgenomen worden in samenspraak door en met de IOED.
De gemeente Pajottegem is reeds aangesloten bij de Cultuurregio Pajottenland & Zennevallei en maakt binnen de projectvereniging reeds gebruik van de diensten rond bovenlokale cultuur en cultureel erfgoed.
Gezien de deadline voor het indienen van het subsidiedossier diende het college van burgemeester en schepenen uiterlijk op 12 januari 2026 een beslissing te nemen. Het komt de raad vanuit haar volheid van bevoegdheid toe deze beslissing te bekrachtigen.
Het decreet lokaal bestuur, artikel 40
Het decreet betreffende het Onroerend Erfgoed van 12 juli 2013 en latere wijzigingen
Het onroerenderfgoedbesluit van 16 mei 2014
Het regiodecreet van 3 februari 2023
Het besluit van het college van burgemeester en schepenen van 12 januari 2026 houdende principiële goedkeuring van het beleidsplan en de financiering van de intergemeentelijke onroerend erfgoeddienst Cultuurregio Pajottenland & Zennevallei (IOED ZENDER)
Oorspronkelijke financiering
Door de stijging van de kosten van IOED zou er - indien gebiedsdekkend - vanaf 2027 voor elke deelwerking 0,45 cent per inwoner gevraagd kunnen worden (1,35 euro voor de hele werking).
| GEMEENTE |
|
# Inwoners |
|
CEC |
IOED |
BOLO |
|
TOTAAL |
|
P/C |
|
|
|
|
0,448 |
0,448 |
0,448 |
|
|
|
||
| PAJOTTEGEM |
|
25125 |
|
€ 11.256,00 |
€ 11.256,00 |
€ 11.256,00 |
|
€ 33.768,00 |
|
€ 1,34 |
Samenvattend: Culturele ErfgoedCel (CEC): 0,45 euro per inwoner; IOED: 0,45 euro per inwoner; Bovenlokale werking (BOLO): 0,45 euro per inwoner. Totaal: 1,35 euro per inwoner.
Anticiperend echter op indexeringen wordt aan de besturen gevraagd 0,50 euro per inwoner per deelwerking in te schrijven in de meerjarenplanning.
Bijgestuurde financiering vanaf 2027
Na de beslissing van Dilbeek om uit te treden voor de IOED-werking en op voorwaarde dat alle andere gemeenten wel lid blijven van de intergemeentelijke onroerend erfgoed dienst (IOED), zouden de gemeenten een jaarlijkse toelage van 0,64 euro per inwoner (elk jaar indexeerbaar) moeten bijdragen, willen we aan het opgelegde minimumbedrag van 120.000 euro komen.
Zelfs als dat gebeurt, zal dit geen invloed hebben op de gemeentelijke bijdragen voor deze werkingen. In tegenstelling tot de financiering van de IOED is er hier geen minimumbedrag vastgelegd, maar is de subsidiëring vanuit Vlaanderen een percentage bovenop de gemeentelijke inbreng.
| GEMEENTE |
|
# Inwoners |
|
CEC |
IOED |
BOLO |
|
TOTAAL |
|
P/C |
|
|
|
|
0,50 |
0,64 |
0,50 |
|
|
|
||
| PAJOTTEGEM |
|
25.289 |
|
€ 12.644,50 |
€ 16.184,96 |
€ 12.644,50 |
|
€ 41.473,96 |
|
€ 1,64 |
Voor 2026 werd op jaarbudgetrekening GBB/0709-00/6496000 voorlopig 30.000 euro voorzien in de meerjarenplanning.
De regelgeving in het kader van het Lokaal Onroerenderfgoedbeleid wijzigt vanaf 1 januari 2026.
De Vlaamse subsidies van de IOED worden structureel verhoogd tot 120.000 euro per jaar per IOED op voorwaarde dat deze inbreng minstens wordt geëvenaard door de deelnemende gemeenten.
Dit betekent voor de deelnemende gemeenten een jaarlijkse bijdrage van 0,50 euro per inwoner, te verhogen met de geldende index.
De toetreding tot de IOED zorgt voor beleidsondersteuning op het vlak van Onroerend Erfgoed en het ontzorgen van de eigen administratie.
Het werkingsgebied van IOED ZENDER beantwoordt aan de regels rond de referentieregio.
IOED ZENDER voldoet aan de erkenningsvoorwaarden van een IOED opgesteld door het Agentschap Onroerend Erfgoed.
De werking van ZENDER wordt steeds meer transversaal en dit in overeenstemming met het Vlaams regeerakkoord van 30 september 2024 en de beleidsnota van de bevoegde ministers Ben Weyts VR2024 dd. 18 november 204 en Caroline Gennez 145(2024-2025) nr.1 dd. 15 november 2024.
Een erkende IOED moet voldoen aan ontvankelijkheids- en erkenningsvoorwaarden.
De ontvankelijkheidsvoorwaarden zijn:
De erkenningsvoorwaarden zijn:
Het beleidsplan IOED ZENDER 2027-2032, de strategische en operationele doelstellingen en de bijhorende meerjarenbegroting werden formeel goedgekeurd door de Raad van Bestuur van ZENDER op 28 november 2025.
Artikel 1 - De gemeenteraad bekrachtigt het besluit van het college van burgemeester en schepenen van 12 januari 2026 en gaat akkoord met het beleidsplan 2027-2032, met de strategische en operationele doelstellingen en met de bijhorende meerjarenbegroting van de intergemeentelijke onroerend erfgoeddienst Cultuurregio Pajottenland & Zennevallei (IOED ZENDER) onder de voorwaarde dat de gemeenteraad deze beslissing bekrachtigt.
Artikel 2 - De gemeenteraad erkent dat alle gemeenten die lid zijn van de IOED ZENDER samen een bedrag bijdragen dat gelijk is aan of groter is dan de subsidie van de Vlaamse overheid en dit zoals voorzien in de nieuwe financieringsregels van de Intergemeentelijke Onroerend Erfgoeddiensten.
Artikel 3 - De gemeenteraad voorziet daarvoor de nodige budgetten in de op te stellen meerjarenbegroting.
Artikel 4 - De gemeenteraad gaat akkoord met het opvolgen van de overlegmomenten die nodig zijn om de werking te garanderen van de intergemeentelijke onroerend erfgoeddienst Cultuurregio Pajottenland & Zennevallei (IOED ZENDER).
Het beleidsplan en de financiering van de intergemeentelijke onroerend erfgoeddienst Cultuurregio Pajottenland & Zennevallei (IOED ZENDER) worden bekrachtigd door de gemeenteraad.
Het lokaal bestuur Pajottegem voorziet een financiële tussenkomst voor activiteiten die als doel hebben de sociale contacten binnen een straat, een duidelijk afgebakend gedeelte ervan of een buurt te bevorderen.
Dit reglement werd eerder goedgekeurd op de gemeenteraad van 27 mei 2025.
Het decreet lokaal bestuur, artikel 40, 351
Het gemeenteraadsbesluit van 27 mei 2025 over de goedkeuring van het subsidiereglement ter ondersteuning van buurtfeesten
De kredieten voor deze ondersteuning van buurtfeesten worden voorzien op jaarbudgetrekening GBB/0719-00/6496000.
De diensten onthaal en evenementen stellen voor om geen onderscheid meer te maken tussen buurtfeesten tot en met 50 deelnemers en buurtfeesten met meer dan 50 deelnemers. Dit onderscheid zorgt immers voor (veel) discussies en extra administratieve handelingen om de definitieve deelnemerslijsten te bekomen en het juiste aantal waardebonnen af te leveren.
Het lokaal bestuur Pajottegem wenst een financiële tussenkomst te voorzien voor activiteiten die als doel hebben de sociale contacten binnen een straat, een duidelijk afgebakend gedeelte ervan of een buurt te bevorderen.
Om de modaliteiten te bepalen dient een subsidiereglement goedgekeurd te worden. Dit reglement werd geëvalueerd.
Na evaluatie van het eerste werkingsjaar stellen de diensten voor aan alle buurtfeesten een ondersteuning van 300 euro toe te kennen, ongeacht het aantal deelnemers.
Momenteel is er een ondersteuning voorzien van 200 euro voor buurtfeesten tot en met 50 deelnemers en 300 euro vanaf 51 deelnemers.
Artikel 1 - De gemeenteraad keurt een subsidiereglement ter ondersteuning van buurtfeesten als volgt goed met ingang van 1 februari 2026:
SUBSIDIEREGLEMENT TER ONDERSTEUNING VAN BUURTFEESTEN
ARTIKEL 1. DOEL
Dit reglement voorziet een financiële tussenkomst voor activiteiten die als doel hebben de sociale contacten binnen een straat, een duidelijk afgebakend gedeelte ervan of een buurt op het grondgebied van de gemeente Pajottegem te bevorderen.
ARTIKEL 2. TOEPASSINGSGEBIED
Dit reglement is van toepassing op buurtfeesten die zich richten tot alle inwoners van de bedoelde straat, gedeelte ervan of buurt binnen Pajottegem en waarbij minstens 10 gezinnen of 25 personen betrokken zijn.
Een buurtcomité kan slechts één aanvraag per jaar indienen. Deze subsidie is niet cumuleerbaar met enige andere gemeentelijke subsidie voor hetzelfde evenement.
ARTIKEL 3. AANVRAAGPROCEDURE
Elke aanvraag dient tenminste 1 maand voor de datum van het buurtfeest via het daartoe bestemde aanvraagformulier gericht te worden aan het College van Burgemeester en Schepenen door een verantwoordelijke van het buurtcomité.
De aanvraag dient volgende gegevens te bevatten: contactgegevens verantwoordelijke, plaats en datum van de activiteit, deelnameprijs, beoogde doelgroep (straten) en verwacht aantal deelnemers.
ARTIKEL 4. TOEKENNING SUBSIDIE
Het comité ontvangt 300 euro subsidie in de vorm van waardebonnen van lokale handelaars.
De waardebonnen kunnen, vóór de organisatie van het buurtfeest, opgehaald worden bij de dienst Onthaal.
ARTIKEL 5. VERANTWOORDING SUBSIDIE
Na afloop van het buurtfeest bezorgt de verantwoordelijke van het buurtcomité volgende documenten ter staving aan het lokaal bestuur: bekendmaking van het buurtfeest en een deelnemerslijst.
Deze documenten dienen uiterlijk 2 maanden na het plaatsvinden van het buurtfeest ingediend te worden.
ARTIKEL 6. COMMUNICATIE
Het buurtcomité verbindt er zich toe op alle uitnodigingen en aankondigingen van het buurtfeest "met steun van het lokaal bestuur" te vermelden.
ARTIKEL 7. MISBRUIK
Indien blijkt dat de subsidie niet gebruikt werd voor het doel waarvoor de subsidie werd toegekend of indien niet voldaan werd aan de voorwaarden gesteld in dit reglement, kan het buurtcomité gedurende 2 jaar geen aanspraak meer maken op deze subsidie.
Artikel 2 - Het gemeenteraadsbesluit van 27 mei 2025 over de goedkeuring van het subsidiereglement ter ondersteuning van buurtfeesten wordt opgeheven en met ingang van 1 februari 2026 vervangen door onderhavig reglement.
De gemeenteraad keurt het aangepaste subsidiereglement ter ondersteuning van buurtfeesten goed.
Kristel Moonens (N-VA):
Filip Durant (N-VA) :
Rudy Thiebaut (N-VA):
Daniël Fonteyne (Vlaams Belang):
Er bestaat een zelfscan voor kraantjeswater (AquaFlanders): kan dit aan de bevolking gecommuniceerd worden om nog spaarzamer te zijn met kraantjeswater? Heeft de gemeente zelf een beleid rond minder waterverbruik op de bureaus?
De voorzitter sluit de zitting op 27/01/2026 om 22:53.
Namens Gemeenteraad,
Kristof Andries
Algemeen directeur
Melissa Van Eesbeek
Voorzitter